NGV-Geonieuws 169 artikel 1033

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Juli 2010, jaargang 12 nr. 4 artikel 1033

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 169! Op de huidige pagina is alleen artikel 1033 te lezen.

<< Vorig artikel: 1032 | Volgend artikel: 1034 >>

1033 Een prehistorische kraamkamer van Carcharocles megalodon
Auteur: drs. Bram van den Berkmortel

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Een van de meeste geliefde en meest gezochte fossielen haaientanden zijn wel de tanden van de uitgestorven reuzenhaai Carcharocles megalodon (Agassiz 1843). Met name het formaat van de tanden spreekt vaak tot de verbeelding. De tanden van C. megalodon worden wereldwijd gevonden.
Amerikaanse paleontologen hebben nu in Panama een prehistorische kraamkamer gevonden van C. megalodon. Een kraamkamer voor haaien wordt gedefinieerd als een geografisch afgezonderd gebied waar zwangere vrouwtjes en pasgeborene aanwezig zijn en bescherming biedt tegen predatie (van grotere haaien) en beschikt over voldoende voedsel.


Het studiegebied in Panama en de twee locaties waar de tanden zijn verzameld.

Tijdens twee jaar veldwerk zijn op twee locaties in Panama, uit Neogene marine sedimenten van de Gatun Formatie fossiele haaientanden verzameld. In totaal zijn meer dan 400 fossiele haaientanden verzameld die 16 verschillende taxa vertegenwoordigen. Van al deze tanden waren slechts 28 exemplaren van C. megalodon. De Gatun Formatie is een fossielrijke Neogene formatie in de istmus (landengte) van Panama, met een diverse haaienfauna. Tijdens het late Mioceen lag de locatie in een zeestraat die de Grote Oceaan verbond met de Caribische Zee. Uit studie van de fossiele molluskenfauna blijkt dat het gebied een productief, ondiep (~25 m diepte) ecosysteem was.


De collectie Carcharocles megalodon tanden verzameld
uit de Gatun Formatie en gebruikt voor het onderzoek.

Om aan te tonen dat de gevonden tanden uit Gatun duiden op een kraamkamer voor C. megalodon, moesten de paleontologen de tanden uit Gatun vergelijken met soortgelijke tanden van andere locaties. Dit werd gedaan aan de hand van de kroonhoogte (CH) en kroonbreedte (CW) van de verschillende tanden. Allereerst vergeleek men de tanden uit Gatun met tanden uit de Calvert Formatie van Maryland (ouder dan Gatun) en met tanden uit de Bone Valley Formatie van Florida (jonger dan Gatun). Door de tanden uit Gatun te vergelijken met oudere en jonger tanden kon men nagaan of C. megalodon in de loop van de tijd groter is geworden. Uit de resultaten bleek dat er in de loop van de tijd geen verandering van grootte was in C. megalodon. Het relatief kleine formaat van de tanden uit Gatun is dus niet het gevolg van een evolutionaire verandering in grootte bij C. megalodon.


Vergelijking van de grootte van tanden uit de Gatun Formatie (laat Mioceen) met tanden
uit de Calvert Formatie (midden Mioceen) en tanden uit de Bone Valley Formatie (vroeg Plioceen).

Vervolgens zijn de tanden uit Gatun vergeleken met de tanden uit een samengestelde tandenset van een jonge C. megalodon en de samengestelde tandenset van een volwassen C. megalodon. Met deze vergelijking kon gekeken worden of de grootte van de tanden uit Gatun gerelateerd is aan de positie in de kaak. Hieruit bleek dat de tanden ongeacht de tandpositie overeenkomen met de tandenset van een jonge haai en niet met de volwassen haai. Om nog beter te bepalen of de tanden behoren tot jonge of volwassen dieren, is op basis van de kroonhoogte van de verschillende tanden de totale lichaamslengte bepaald. Uit eerdere onderzoeken kwam naar voren dat een C. megalodon foetus tot 4 meter lang kon worde, jonge dieren tot 10,5 meter en volwassen dieren tot ongeveer 17 m. Uit de berekende totale lichaamslengte van de haaien uit Gatun blijkt dat 21 individuen jonge dieren zijn en 7 individuen volwassen dieren. Het is niet onverwacht om volwassen dieren aan te treffen in een kraamkamer voor haaien. Op de eerste plaats zwemmen in het gebied ook zwangere vrouwtjes rond om eieren te leggen en die tanden verliezen. Op de tweede plaats biedt een kraamkamer geen totale bescherming tegen predatie en kunnen volwassen individuen ook in de kraamkamer komen voor voedsel.


Histogram van de totale lengte van de Carcharocles megalodon individuen in verschillende levensfasen.

Op basis van het grote aantal jonge individuen van C. megalodon in de late Miocene Gatun Formatie, het ondiepe milieu en de marine vertebraten en invertebraten fauna’s typisch voor een haaienkraamkamer, wijzen de onderzoekers de Gatun Formatie aan als een kraamkamer voor jonge C. megalodon individuen. Bovendien tonen de onderzoekers met dit onderzoek aan dat haaien al zeker 10 miljoen jaar gebruik maken van kraamkamers.

Referenties:
  • Pimiento C., Ehret D.J., MacFadden B.J., Hubbel G., 2010, Ancient Nursery Area for the Extinct Giant Shark Megalodon from the Miocene of Panama, PLoS ONE 5(5): e10552. doi: 10.1371/journal.pone.0010552


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl