NGV-Geonieuws 170 artikel 1064

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Augustus 2010, jaargang 12 nr. 5 artikel 1064

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 170! Op de huidige pagina is alleen artikel 1064 te lezen.

<< Vorig artikel: 1063 | Volgend artikel: 1065 >>

1064 De best bewaarde mosasauriŽr zwom als een haai
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

In Nederland zijn we nog steeds trots op de schedel van de Mosasaurus die in 1764 in de mergelgrotten bij Maastricht werd gevonden, maar het gaat daarbij slechts om de schedel en wat botten (in een stuk steen dat door de Fransen werd meegenomen naar Parijs, waar het ook nu nog ligt). Het bleek, na veel verkeerde determinaties, uiteindelijk een vertegenwoordiger van een groep aquatische sauriŽrs die nu als mosasauriŽrs bekend zijn. Er zijn inmiddels talrijke geslachten van bekend, en veel van de aangetroffen fossielen zijn veel completer dan het Maastrichtse exemplaar. We weten inmiddels dat het in ondiepe zeeŽn levende rovers moeten zijn geweest met een gestroomlijnde vorm. Op basis van hun vorm werden ze tot nu toe geacht min of meer als een salamander of een paling te hebben gezwommen. Recent onderzoek van een in 1969 in de Amerikaanse staat Kansas gevonden fossiel exemplaar van Platecarpus tympaniticus levert echter een ander beeld op.

Het materiaal waarin deze mosasauriŽr werd gevonden bestaat uit vier brokken steen, die gezamenlijk vrijwel het hele dier bevatten; dat dier moet zoín 8 m lang zijn geweest en 85 miljoen jaar geleden Laat Santonien tot vroegste Campanien) hebben geleefd. Het is nu te bewonderen in het dino lab van het Museum voor Natuurlijke Historie van Los Angeles County, waar het in 2011 deel zal gaan uitmaken van een enorme tentoonstelling (Dinosaur Mysteries) met een oppervlakte van ca. 1500 m2.

Het bijzondere van dit fossiel is zijn unieke staat. Het is, voor zover bekend, het best bewaard gebleven exemplaar van een mosasauriŽr. Een deel van de omtrek van het lichaam is nog zichtbaar, delen van de geschubde huid zijn bewaard gebleven (en daarvan lijkt op enkele plaatsen zelfs de oorspronkelijke kleur nog aanwezig te zijn), zich vertakkende delen van de luchtpijp zijn te onderscheiden, en de maaginhoud (vis) is deels bewaard gebleven.

Uit deze details blijkt dat het dier, net als andere mosasauriŽrs, een zeer gestroomlijnde vorm heeft gehad, en dat het een goed ontwikkelde staartvin had in de vorm van een maansikkel. Dit bewijst, gezien de ouderdom van het dier, dat deze twee voor de voortbeweging belangrijke factoren al in een vroeg stadium van de evolutie van de mosasauriŽrs tot volledige ontwikkeling zijn gekomen. Vooral de in dit exemplaar zo goed bewaarde staartvin geeft belangrijke informatie: de mosasauriŽrs moeten betere zwemmers zijn geweest dan tot nu toe werd aangenomen, en ze moeten meer op de manier van een haai dan op de manier van een salamander of een paling hebben gezwommen. Het betekent dat de geavanceerde, zeer effectieve manier waarop haaien zwemmen, ook al eerder in de geologische geschiedenis werd ontwikkeld door de mosasauriŽrs, dus vele miljoenen jaren eerder dan tot nu toe werd aangenomen.

Details van de gefossiliseerde huid
(PLoS).


Zelfs delen van de maaginhoud zijn gefossiliseerd
(PLoS).


Het gefossiliseerde linkeroog
(PLoS).


Het voorste brok steen met onder meer de schedel
(DINHMLAC).




Reconstructie (door Stephanie Abramwicz) van Platecarpus tympaniticus
(DINHMLAC).

.

Referenties:
  • Lindgren, J., Caldwell, M.W., Konishi, T. & Chiappe, L.M., 2010. Convergenjt evolution in aquatic tetrapods: insight from an exceptional fosil mosasaur. PloS ONE 5 (8), e121998.

Illustraties: Dinosaur Institute, Natural History Museum of Los Angeles County (DINHMLAC) en het aangehaalde artikel (PLoS).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl