NGV-Geonieuws 171 artikel 1086

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


September 2010, jaargang 12 nr. 6 artikel 1086

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 171! Op de huidige pagina is alleen artikel 1086 te lezen.

<< Vorig artikel: 1085 | Volgend artikel: 1087 >>

1086 Geen nanodiamantjes in Jonge Dryas, en ook geen inslag
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over Mineralen ! Klik hier voor alle artikelen over (Paleo)Klimaat ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Toen de laatste ijstijd op zijn eind liep, kwam er plotseling - omstreeks 12.900 jaar geleden - nog een heel koude tijd (de Jonge Dryas), waarin de temperatuur op het noordelijk halfrond weer sterk daalde (in Amerika ging op dat moment de Indiaanse Clovis-cultuur te gronde, en op het hele noordelijk halfrond stierf bijna de gehele megafauna binnen korte tijd uit), terwijl die op het zuidelijk halfrond juist nog omhoog ging (zie Geonieuws 1084). Over de oorzaak van de temperatuurdaling op het noordelijk halfrond zijn diverse hypotheses opgesteld, zoals een verandering in het circulatiepatroon van de oceaanstromen. Een hypothese die eerder veel aandacht trok (zie Geonieuws 874) was dat de koude een gevolg was van een ‘nucleaire winter’ als gevolg van de inslag van een meteoriet met een doorsnede van 4 km. Die hypothese berustte onder meer op het voorkomen van een laag uit de Jonge Dryas waarin veel koolstofhoudende bolletjes met zeer kleine diamantjes (enkele nanometers groot) zouden voorkomen; ze zouden een gevolg zijn van de hoge temperatuur en druk die bij de inslag optrad, en ze zouden als gevolg van de inslag de ruimte in zijn geslingerd en zo over een groot gebied verspreid zijn geraakt.


De Arlington Canyon op het eiland Santa Rosa (California)
waar materiaal voor het onderzoek werd verzameld
foto Andrew Scott).

Al eerder werden er argumenten aangevoerd waarom een dergelijke inslag zeer onwaarschijnlijk is (zie Geonieuws 1036). Nu lijkt het er zelfs op dat het laatst overgebleven argument voor de inslag - de nanodiamantjes - niet langer te handhaven is. De nanodiamantjes waarover eerder werd gerapporteerd, bestaan uit lonsdaleiet. Dat is een uitzonderlijke vorm waarin de koolstofatomen niet, zoals bij ‘gewone’ diamant, een kubische kristalvorm hebben, maar een hexagonale kristalvorm (net als grafiet). Dit lonsdaleiet is alleen bekend uit meteorieten en van plaatsen waarvan bekend is dat er een meteoriet is ingeslagen.


De bemonsterde sectie (foto Tyrone Daulton).
bij Smilodon: Schedel van de sabeltandtijger,
die de Jonge Dryas niet overleefde.

Onderzoekers hebben nu de desbetreffende laag uit het begin van de Jonge Dryas opnieuw bemonsterd en onderzocht op het voorkomen van lonsdaleiet. Noch deze vorm noch de kubische vorm van diamant werd echter aangetroffen. Wel vonden ze koolstof met een hexagonale roosterstructuur, maar daarbij ging het niet om lonsdaleiet maar om vormen die nauw verwant zijn met grafiet (grafeenoxide en grafeen/grafaanoxide). Dat materiaal kwam in alle onderzochte monsters voor. Hetzelfde materiaal vonden de onderzoekers echter ook in koolstofbolletjes die dateerden van duidelijk voor of duidelijk na de Jonge Dryas. Ze denken daarom dat bij het eerdere onderzoek de aangetroffen koolstof verkeerd is geanalyseerd.


De wolharige mammoet die omstreeks 13.000 jaar geleden uitstierf.


Karakteristieke pijlpunt uit de in de
Jonge Dryas verdwenen Clovis-cultuur.


De onderzoeker die destijds meldde nanodiamantjes te hebben gevonden, Douglas Kennett (een archeoloog), vindt het nieuwe onderzoek “slechte wetenschap”. Hij stelt: “De claim dat we diamant verkeerd hebben gedetermineerd is fout, misleidend en incorrect”, maar hij wil een en ander niet toelichten.


Onderzoeker Tyrone Daulton.

.

Referenties:
  • Daulton, T.L., Pinter, N. & Scott, A.C., 2010. No evidence of nanodiamonds in Younger Dryas sediments to support an impact event. Proceedings of the National Academy of Sciences of the United States of America 107, doi:10.1073/pnas.1003904107.

Foto’s welwillend ter beschikking gesteld door Tyyrone Daulton en Diana Lutz, Washington University, St. Louis, MO (Verenigde Staten van Amerika).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl