NGV-Geonieuws 172 artikel 1089

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Oktober 2010, jaargang 12 nr. 7 artikel 1089

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 172! Op de huidige pagina is alleen artikel 1089 te lezen.

<< Vorig artikel: 1088 | Volgend artikel: 1090 >>

1089 Waarnemingsstations geïnstalleerd onder de zeebodem
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over het Inwendige van de Aarde !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De grenzen van geologisch onderzoek worden steeds verder verlegd. Sinds september is het nu ook mogelijk om direct waarnemingen te doen op de bodem van de oceaan én daaronder. Dat is te danken aan de installatie van twee (onbemande) waarnemingsstations in daartoe gemaakte boorgaten in de Stille Oceaan, op zo’n 200 km uit de kust van Vancouver Island (British Columbia, Canada). De werkzaamheden hiervoor werden gedurende juli-september uitgevoerd vanaf het onderzoeksschip JOIDES Resolution in het kader van expeditie 327 van het Integrated Ocean Drilling Program (IODP).


Locatie van de observatoria in de Stille Oceaan.


Werkzaamheden aan een van de observatoria
aan dek van de JOIDES Resolution.


Gedurende de expeditie werden twee boorgaten geboord van 530 m diep. Daarin zijn de observatoria geplaatst. Ze zitten als ‘kurken’ in de boorgaten, en ze worden daarom liefkozend ‘corks’ genoemd (officieel spreekt met van CORK: Circulation Obviation Retrofit Kit). Met de apparatuur die in deze ‘corks’ is aangebracht, kunnen activiteiten in en de opbouw van de bovenste oceaanbodem worden bestudeerd. Bekend is dat de oceanische aardkorst uit talrijke segmenten is opgebouwd. Hoe die segmenten met elkaar in contact staan, en hoe ze op elkaar inwerken, is vrijwel onbekend. Met de apparatuur kunnen daartoe op tal van dieptes monsters worden genomen en gegevens worden verzameld over onder meer druk, temperatuur, chemie en microbiologie van de oceanische korst. Dergelijke gegevens zijn nauwelijks of helemaal niet op een andere wijze te verkrijgen. Bovendien kunnen de waarnemingen lange tijd doorgaan, zodat ook veranderingen in de diverse waarden kunnen worden opgemerkt.


Een van de observatoria aan boord van het
onderzoeksschip JOIDES Resolution.

Een van de aspecten waaraan veel aandacht zal worden besteed is de waterinhoud van de oceanische korst ter plaatse. De oceanische korst is het grootste watervoerende pakket op aarde: de hoeveelheid zout water erin bedraagt 20-30 miljoen kubieke kilometer, ongeveer evenveel als de hoeveelheid zoet water die in de vorm van landijskappen en gletsjers is opgeslagen. Deze hoeveelheid is ongeveer 2000 maal groter dan de totale hoeveelheid zoet water die jaarlijks de hydrologische cyclus doorloopt.


Laswerkzaamheden aan de ‘trechter’ waardoor
de boorapparatuur het boorgat wordt ingeleid.

Net als grondwater op de continenten is ook het ‘grondwater’ in de oceanische korst voortdurend in beweging. Tot nu toe was echter onbekend van waar naar waar dit water zich bewoog, omdat niet - zoals op het land wel mogelijk is - tracers in de vorm van kleurstoffen of radioactieve isotopen aan het water konden worden toegevoegd op een bepaalde plaats, om na te gaan hoe snel en in welke richting(en) dat water zich verplaatst. Dat wordt met behulp van de ‘corks nu wel mogelijk. Eerste proeven die hiertoe tijdens expeditie 327 werden uitgevoerd, leverden al het bewijs hiervoor.


Onderzoekers Takeshi Tsuji en Andy Fisher met
expeditieleider Katerina Petronotis.


Onderzoekster Beth Orcutt verzorgt het microbiologisch
onderzoek.


Ook werden al gesteentesplinters en mineralen vanuit de ‘corks’ ‘overboord’ gezet om na te gaan welke micro-organismen zich erin of erop zullen vestigen. Die stukjes gesteenten met hun eventuele micro-organismen zullen volgend jaar weer worden opgepikt. Uit de resultaten hoopt men dan te kunnen opmaken of het huidige idee dat de oceanische korst tot op grote diepte een uitbundig micro leven kent, juist is. Uiteraard wil men dan ook te weten komen onder welke condities (o.a. temperatuur en druk) dat micro leven in de korst het best gedijt.

Referenties:
  • NSF, 2010. Subseafloor observatories installed to run dynamic experiments. National Science Foundation Press Release 10-161, 4 pp.

Illustraties: Integrated Ocean Drilling Program (IODP).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl