NGV-Geonieuws 178 artikel 1170

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


April 2011, jaargang 13 nr. 4 artikel 1170

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 178! Op de huidige pagina is alleen artikel 1170 te lezen.

<< Vorig artikel: 1169 | Volgend artikel: 1171 >>

1170 ‘Neefje’ deed weinig onder voor Tyrannosaurus rex
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Met zijn lengte van 11 m, hoogte van 4 m en gewicht van zo’n 6000 kg moet hij weinig minder vreeswekkend zijn geweest dan zijn ongeveer even grote oom, Tyrannosaurus rex. Maar hij moet minder algemeen zijn voorkomen, want deze nieuwe soort, Zhuchengtyrannus magnus, is pas onlangs ontdekt, terwijl er van T. rex talloze fossiele restanten bekend zijn (de bekendste is een vrijwel compleet skelet, ‘Sue’ genaamd). De ontdekking van de nieuwe soort berust overigens op weinig materiaal: een kaak en wat tandmateriaal. Volgens de onderzoekers zijn die echter afwijkend genoeg om, ondanks de sterke verwantschap met T. rex en Tarbosaurus, van een nieuwe soort te spreken. Interessant in deze context is dat een van de betrokken onderzoekers, Prof. Xu Xing van het Instituut voor Paleontology van Gewervelde Dieren en Paleoanthropologie in Beijing, al meer dan 30 nieuwe dino-soorten heeft beschreven; hij behoort dus tot de groep van ‘splitters’ die in geringe verschillen al reden zien om van een nieuwe soort te spreken.


Reconstructie (door Robert Nichols) van
de kop van Zhuchengtyrannus magnus.

De restanten van Z. magnus werden gevonden nabij Zhucheng, een stad in het oosten van China, in de provincie Shandong. Van deze stad is de nieuwe geslachtsnaam afgeleid; de soortnaam betekent ’groot’. De naam van deze dino betekent dus ‘grote tyran van Zhucheng’. De kaakfragmenten en tanden zijn nauwelijks kleiner dan die van de grootst bekende vergelijkbare restanten van T. rex. Daarom nemen de onderzoekers, ondanks het nogal schamele materiaal, aan dat het om een vrijwel even groot dier ging. Zoals alle overige gigantische vleesetende dinosoorten, behoort hij tot de Tyrannosauridae, en daarbinnen tot de subfamilie van de Tyrannosaurinae; dit waren allemaal dieren die gedurende het Laat-Krijt in Noord-Amerika en Azië voorkwamen. Ze hadden allemaal kleine voorpoten met twee-vingerige klauwen en grote, krachtige kaken waarmee ze gemakkelijk de botten van hun prooidieren konden vermalen. Overigens waren het waarschijnlijk zowel jagers als aaseters.

De vondst werd gedaan in een gebied waar enorme concentraties van dino-resten voorkomen. De meeste restanten behoorden toe aan een gigantische hadrosauriër soort, Shantungsaurus giganteus. Het gaat waarschijnlijk om materiaal dat bijeenspoelde in een grote riviervlakte; dode dino’s werden (mogelijk bij hoogwater) door de rivier meegevoerd en daarna afgezet op plaatsen buiten de oeverwallen waar de stroomsnelheid gering was. Daar werden de karkassen ook snel - veelal aangevreten - bedekt met slib (zoals dat ook in onze uiterwaarden gebeurt) zodat ze, afgesloten voor zuurstof, gemakkelijk konden fossiliseren.

Referenties:
  • Hone, D.W.E., Wang, K., Sullivan, C., Zhao, X., Chen, S., Li, D., Ji, S., Ji, Q. & Xu, X., 201. A new tyrannosaurine theropod, Zhuchengtyrannus magnus is named based on a maxilla and dentary. Cretaceous Research (in druk).

lllustratie: University College Dublin, Dublin (Ierland).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl