NGV-Geonieuws 1 artikel 12

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Januari 1999, jaargang 1 nr. 1 artikel 12

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 1! Op de huidige pagina is alleen artikel 12 te lezen.

<< Vorig artikel: 11 | Volgend artikel: 13 >>

12 Rudisten vervingen koralen in Krijt vanwege wereldwijde verandering in milieu
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Gedurende het Krijt veranderden de karakteristieken van riffen over de gehele wereld. Dat gebeurde in twee fasen, waarvan de eerste werd gekarakteriseerd door een overgang van een door koralen gedomineerd ecosysteem (met verder voornamelijk sponzen en algen) naar een systeem met algen en rudisten (met weinig koralen en vrijwel zonder sponzen); in de tweede fase verdwenen vrijwel alle algen en bleven rudisten over, met koraal op de tweede plaats. Dit alles speelde zich af binnen een periode van ongeveer 30 miljoen jaar, gedurende het Vroeg-Krijt. Volgens een Amerikaans onderzoeker is dit een gevolg van de milieu-omstandigheden, die gedurende deze periode wereldwijd sterk zouden zijn veranderd.


RECONSTRUCTIE VAN EEN RUDISTENRIF MET ORGINELE FOSSIELEN.
FOTO: M.BLUME

De belangrijkste veranderingen binnen het ecosysteem van de riffen hingen samen met subtiele wijzigingen in het patroon van oceaanstromen, wat zijn weerslag had in de waterchemie, de rijkdom aan voedingsstoffen, en de positie van de stromen ten opzichte van de grenzen van de lithosfeerschollen en dus ook ten opzichte van vulkanisch actieve gebieden. Bovendien be´nvloedde de ontwikkeling van zuurstofarme watermassa's de samenstelling van de oceaan over grote gebieden. Daarnaast steeg gedurende het Krijt de temperatuur, en daarmee ook het zeeniveau. Dit leidde ertoe dat het continentaal plat met een steeds grotere frequentie (eens per enkele miljoenen jaren tot eens per miljoen jaar) werd overstroomd door water met een laag zuurstofgehalte. Deze herhaalde overgang op het plat van zuurstofrijk naar zuurstofarm water zou steeds de druppel zijn geweest die de emmer deed overlopen voor de toch al onder druk gezette rifbouwers.

De veranderende milieu-omstandigheden bestonden onder meer uit sterk (tot wel 10 ░C) fluctuerende gemiddelde jaartemperaturen, de opslag van grote hoeveelheden organische stof in de ondiepe kustgebieden (door overstroming en bedekking met slib van kustmoerassen en algenmatten), en een extreem snelle aangroei van de aardkorst onder invloed van vulkanisme. Het microplankton en de zwemmende organismen in de oceanen moesten zich keer op keer aan de wisselende omstandigheden aanpassen, wat diverse malen leidde tot een sterke afname en een daarop weer volgende toename van de biodiversiteit. De rifgemeenschappen reageerden in eerste instantie op deze ontwikkeling door een snelle afname van zowel het aantal individuen als het aantal soorten van rifbouwende koralen. Hun plaats werd ingenomen door rudisten, die beter gedijden onder de nieuwe omstandigheden wat betreft klimaat, ondergrond, zuurstofgehalte, mate van troebelheid van het water, en de opeenvolging van zeespiegelschommelingen (met een in totaal stijgende tendens). Hierbij moet worden bedacht dat de meeste koralen juist onder de normale golfbasis groeien als een soort 'korst' over andere rifbouwers, en dat zij zich vooral voeden met zo÷plankton; rudisten daarentegen leven vooral iets boven de golfbasis onder stormcondities (hun behuizing wordt bij storm betrekkelijk gemakkelijk tot kleine sedimentdeeltjes vergruisd), en zij voeden zich met fytoplankton.

Referenties:
  • Scott, R.W., 1995. Global environmental controls on Cretaceous reefal ecosystems. Palaeogeography, Palaeoclimatology Palaeoecology 116, p. 187-189.

Afbeelding uit: http://www.darmstadt.gmd.de/Museum/HLMD/riff.html


Copyright ę NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl