NGV-Geonieuws 184 artikel 1222

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Oktober 2011, jaargang 13 nr. 10 artikel 1222

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 184! Op de huidige pagina is alleen artikel 1222 te lezen.

<< Vorig artikel: 1221 | Volgend artikel: 1223 >>

1222 De koning van Minorca
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De geïsoleerde positie van eilanden leidt vaak tot een aparte fauna. Sinds Darwin weten we ook waarom. Minder duidelijk is nog waarom op veel eilanden de soorten van een bepaald geslacht vaak minder groot zijn dan hun neefjes op het vasteland. Een logische verklaring is mogelijk het feit dat gebrek aan natuurlijke vijanden het niet nodig maakt om veel energie te stoppen in grootte om zo weerbaarder te zijn tegen over deze vijanden. Overigens lijkt het erop dat kleine soorten vaak nog kleiner worden op een eiland, terwijl grotere soorten juist groter worden.


Nuralagus in zijn natuurlijke
leefomgeving.


Reconstructie (door Roman Euchatel)
van Nuralagus rex.


Dat laatste lijkt het geval te zijn met het konijn dat zo’n 3-5 miljoen jaar geleden leefde op het eiland Minorca, net als het toeristisch beter bekende eiland Majorca, een van de Balearen eilanden in de Middellandse Zee voor de kust van Spanje. Van dit uitgestorven konijn zijn diverse botten gevonden, waaruit blijkt dat het dier zo’n 12 kg moet hebben gewogen. Daarmee was het ongeveer zesmaal zo zwaar als het huidige konijn op het vasteland van Europa, Oryctolagus cuniculus. Overigens moet daarbij worden aangetekend dat destijds de konijnen op het vasteland van Europa (Alilepus) nog zo’n anderhalf maal kleiner waren dan de huidige konijnen. Het reuzenkonijn van Minorca heeft dan ook heel toepasselijk de naam Nuralagus rex (Koning van de konijnen op Minorca) ontvangen.

De koning had echter ook zijn beperkingen: het gevonden geraamte wijst erop dat hij niet meer in staat was om grote sprongen te maken, maar dat hij een beetje onhandig moet hebben rondgelopen, zo’n beetje als een bever die uit het water is gekomen. Zowel zijn ogen als zijn oren moeten tamelijk klein zijn geweest. Hij had echter voorpoten die goed ontwikkeld waren om te graven. Zijn voedsel bestond dus waarschijnlijk uit knollen.

Nuralagus rex had weinig of geen vijanden. Andere vertebraten op het eiland waren destijds een vleermuis (Rhinolophus cf. grivensis), een grote relmuis (Muscardinus cyclopeus), en - soms in het water, soms op het land - een reusachtige schildpad (Cherirogaster gymnesica).


Het konijn van het vasteland van Europa:
Oryctolagus cuniculus.


De achterpoot van Nuralagus rex,
vergeleken met de achterpoot van
Oryctolagus cuniculus.


Referenties:
  • Quintana, J., Köhler, M. & Moyà-Solà, S., 2011. Nuralagus rex, gen. et spec. nov., an endemic insular giant rabbit from the Neogene of Minorca (Balearic Islands, Spain). Journal of Vertebrate Paleontology 31, p. 231-240.

Illustraties: Society of Vertebrate Paleontology


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl