NGV-Geonieuws 187 artikel 1252

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Januari 2012, jaargang 14 nr. 1 artikel 1252

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 187! Op de huidige pagina is alleen artikel 1252 te lezen.

<< Vorig artikel: 1251 | Volgend artikel: 1253 >>

1252 In de greep van de sabeltandkat
Auteur: Adiël Klompmaker

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Gelukkig komen we ze niet meer tegen in het bos of op de vlakte. Sabeltandkatten, waaronder de sabeltandtijger zijn uitgestorven sinds 11.000 jaar geleden. Hun lange hoektanden zien er vervaarlijk uit, maar zijn ook kwetsbaar. Uit nieuw onderzoek van Julie Meachen-Samuels (National Evolutionary Synthesis Center, V.S.) blijkt dat hoe groter de hoektanden, hoe sterker de voorpoten waren om de hoektanden te beschermen.


De sabeltandtijger, Smilodon.
Afbeelding: © Wallace63


Reconstructie sabeltandtijger



Broze hoektanden
Zo op het oog zien de hoektanden van de uitgestorven sabeltandkatten uit de families Felidae, Nimravidae en de Barbourofelidae er als wapens uit, maar schijn bedriegt. De hoektanden zijn vrij broos, zeker als er een plotselinge slag van opzij op komt door een zich verdedigende prooi of als de tanden in contact komt met bot tijdens een beet. Dit komt omdat deze hoektanden niet rond zijn in doorsnede, zoals bij tegenwoordige leden van de kattenfamilie (Felidae), maar vaak ovaal zijn. Pas als de prooi zich niet meer kon verdedigen, kwamen de enorme hoektanden in actie: de luchtpijp en de bloedtoevoer werden ernstige schade toegebracht.

Wat gebruikten de sabeltandkatten dan wel om hun prooien aan te vallen? In onderzoek uit 2010, ook van Meachen-Samuels, bleek dat de voorpoten sterker zijn dan die van tegenwoordige Felidae, die de voorpoten én kaken gebruiken om hun prooi te overmeesteren. De voorpoten van sabeltandkatten werden echter eerst gebruikt om de prooi te overmeesteren en vast te pinnen op de grond. Daarna kwamen de tanden in actie. Overigens zijn de voorpoten van sabeltandkatten ook sterker dan de achterpoten, aldus een ander onderzoek uit 2010.


Fossiele skelet van een soort uit
de Barbourofelidae familie:Barbourofelis loveorum
Afbeelding: © Dallas Krentzel

Metingen
Meachen-Samuels was duidelijk nog niet klaar met deze sabeltandkatten gezien het nieuwe artikel in Paleobiology. Ze mat het opperarmbeen (humerus), het spaakbeen (radius), de ellepijp (ulna) en de middenhandsbeenderen (metacarpalia) van een groot aantal uitgestorven en nog levende katachtigen ( Felidae, Nimravidae en Barbourofelidae).De eerste opzet van dit onderzoek was om te kijken of er een verband is tussen de lengte van de hoektanden en de sterkte van de voorpoten.


Voorpoten
De breedte van de klauw bij de middenhandsbeenderen bleek bijzonder wijd te zijn, vooral in de Nimravidae. Dit is handig voor het klimmen in bomen en voor het aanvallen van een prooi. Wat dat betreft bevestigt dit het eerder gevonden resultaat van sterke voorpoten. Vernieuwend is dat de sabeltandkatten met de langste tanden de sterkste voorpoten hebben. Deze katten vielen hun prooi aan verstopt vanuit een hinderlaag.
Op sommige plaatsen in de V.S. zoals in de staten Florida, Idaho, Californië, Nebraska en South Dakota zijn diverse sabeltandkatten gevonden die tegelijkertijd leefden. Ze verschillen echter in de lengte van de hoektanden en de sterkte van de voorpoten. Deze jagers hadden het daarom verzien op iets andere prooidieren en konden dus in hetzelfde ecosysteem overleven.

Noordzee
Ook in Nederland kwam de sabeltandkat voor. In 2003 publiceerden Jelle Reumer (Universiteit Utrecht en Natuurhistorisch Museum Rotterdam) over de jongste sabeltandkat uit Europa met een ouderdom van 28.000 jaar. De onderkaak was opgevist uit de Noordzee bij Nederland en bleek veel jonger dan de tot dan toe bekende jongste sabeltandkat van 300.000 jaar geleden.

Referenties:
  • Meachen-Samuels, J.A., ‘Morphological convergence of the prey-killing arsenal of sabertooth predators’, Paleobiology 28 (2012) 1-14.
  • Meachen-Samuels & Van Valkenburgh. 2010. ‘Radiographs Reveal Exceptional Forelimb Strength in the Sabertooth Cat, Smilodon fatalis’, PLoS ONE 5: e11412.
  • Lewis & Lague. Interpreting sabertooth cat (Carnivora; Felidae; Machairodontinae) postcranial morphology in light of scaling patterns in felids, 2010, Pp. 411 in A. Goswami and A. R. Friscia, eds. Carnivoran evolution: new views on phylogeny, form and function. Cambridge University Press, Cambridge.
  • Reumer et al., Late Pleistocene survival of the saber-toothed cat Homotherium in northwestern Europe. Journal of Vertebrate Paleontology 23 (2003) 260-262. PDF

Dit artikel is met toestemming van de redactie overgenomen van de website Kennislink.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl