NGV-Geonieuws 193 artikel 1267

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Augustus 2012, jaargang 14 nr. 8 artikel 1267

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 193! Op de huidige pagina is alleen artikel 1267 te lezen.

<< Vorig artikel: 1266 | Volgend artikel: 1268 >>

1267 Augustus dinomaand (6): Exploderende ichthyosauriŽr blijkt mythe
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Het skelet van een vrouwelijke ichthyosauriŽr dat enkele jaren geleden bij Holzmaden (Duitsland) werd gevonden, heeft paleontologen geruime tijd voor een raadsel gesteld. Het skelet van het dier, dat 182 miljoen jaar geleden leefde, is namelijk zeer goed in zijn geheel bewaard, en de afzonderlijke botten liggen in de anatomisch juiste positie. Dat geldt echter niet voor de botjes van de embryo's die het vrouwtje droeg: die botjes liggen grotendeels verspreid buiten het moederlichaam. Het merkwaardige is dat het 'geval Holzmaden' niet op zichzelf staat: er zijn meer vergelijkbare vondsten bekend.


Het fossiel van de (dus niet) geŽxplodeerde ichthyosauriŽr.

De verklaring was tot nu toe dat zich bij het vergaan van het lichaam van de (door wat voor oorzaak dan ook) gestorven ichthyosauriŽr in het lichaam gassen ophoopten. Die lieten het lichaam zwellen totdat het uiteindelijk explosief openbarstte. De embryo's zouden daarbij in stukken naar buiten zijn geslingerd. Nader onderzoek heeft nu aangetoond dat dergelijke exploderende ichthyosauriŽrs een mythe zijn.

Dat onderzoek was proefondervindelijk. Mensen zijn ongeveer even groot als ichthyosauriŽrs. Bij het vergaan worden daarom naar alle waarschijnlijkheid ongeveer gelijke hoeveelheden gas gevormd. Op het forensisch-medisch instituut in Frankfurt werd bij honderd lichamen van overleden mensen waarvan de doodsoorzaak moest worden vastgesteld, gemeten hoe groot de inwendige druk was als gevolg van vrijkomende gassen. Die druk bleek slechts 3500 pascal (0,035 bar). Dat betekent dat bij de dode ichthyosauriŽr die in water van 50-150 m diep lag, de gassen tot een druk van 1,5 miljoen pascal (15 bar) zouden moeten hebben leiden om een explosie te kunnen veroorzaken. Het ontstaan van zulke hoge drukken is echter bij grote gewervelde dieren onmogelijk. Dit geldt waarschijnlijk voor alle gewervelde dieren die via hun longen ademen.


IchthyosauriŽrs waren goed gestroomlijnde jagers.

Wat kan dan de merkwaardige situatie van Holzmaden hebben veroorzaakt? Normaal zou een gestorven ichthyosauriŽr die naar een diepe bodem zinkt, daar vergaan of - waarschijnlijker - grotendeels door aaseters worden verorberd. In water tot slechts zo'n 50 m diep en een temperatuur van boven 4 0C kunnen lichamen echter wel weer naar het wateroppervlak stijgen vanwege de gassen die in het lichaam worden gevormd. Aan het wateroppervlak worden ze blootgesteld aan golven en aaseters, en vergaan ze binnen enkele dagen tot enkele weken, waarna de botten weer zinken en verspreid op de bodem terechtkomen.

Het feit dat de mysterieuze skeletten vrijwel ongestoord bewaard bleven, wijst op bijzondere omstandigheden: gebrek aan zuurstof, niet te ondiep water, en geen bodemstromen van enige betekenis. Daarom waren er geen aaseters en steeg het karkas niet naar het wateroppervlak. De botten van de ichthyosauriŽr-moeder waren kennelijk te groot (= te zwaar) om door de geringe bodemstromen te worden meegevoerd. De kleine botjes van de embryo' konden wel getransporteerd worden.

Het is een logische verklaring. Maar echt overtuigend vind ik hem niet: waarom werden bijv. geen (relatief kleine en lichte) wervels van het moederdier door de stromen afgevoerd? En waarom werden de botjes van de embryo's weer in de directe nabijheid van het moederdier neergelegd? En waarom komt deze samenloop van omstandigheden kennelijk vaker voor? Een mythe is wellicht ontzenuwd, maar het raadsel lijkt me nog niet helemaal opgelost.

Referenties:
  • Reisdorf, A.G., Bux, R., Wyler, D., Benecke, M., Klug, C., Maisch, M.W., Fornaro, P. & Wetzel, A., 2012. Float, explode or sink: post-mortem fate of lung-breathing marine vertebrates. In: M. Wuttke & A.G. Reisdorf (red.): Taphonomic processes in terrestrial and marine environments. Palaeobiodiversity and Palaeoenvironments 92, p. 67-81.

Foto en tekening van de fossiele ichtyosauriŽr: H. Tischlinger / Jura Museum, Eichstštt (Duitsland).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl