NGV-Geonieuws 193 artikel 1268

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


Augustus 2012, jaargang 14 nr. 8 artikel 1268

Redactie: George Brouwers tot en met artikel 1023 en vanaf 1024 dr.W.M.L.(Willem) Schuurman

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 193! Op de huidige pagina is alleen artikel 1268 te lezen.

<< Vorig artikel: 1267 | Volgend artikel: 1269 >>

1268 Augustus dinomaand (7): Beschimmelde dino-eieren
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon, AMU, Poznan

Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

In PatagoniŽ is een bijzonder dino-nest gevonden. Het bevat niet alleen botten maar ook unieke eieren van een nog steeds raadselachtige, op een vogel gelijkende dino. Het gaat om een nest van Bonapartenykus ultimus, een vertegenwoordiger van de Alvarezsauridae. De 70 miljoen jaar oude fossiele resten vormen de laatst bekende vertegenwoordigers van deze slecht bekende groep, niet alleen voor Zuid-Amerika, maar ook voor Gondwana, het zuidelijke supercontinent dat tijdens het MesozoÔcum bestond.


Het ei van Bonapartenykus met de
unieke microstructuur van de eierschaal
(foto Fernando Novas).


Van de alvarezsauriden is relatief weinig bekend. Het waren gevederde, op twee poten lopende dino's. Ze zijn bekend uit AziŽ en uit Noord- en Zuid-Amerika. Ze werden in het algemeen zo'n 0,5-2,5 m groot en ze leken - in het bijzonder wat hun schedel betreft - op vogels. Ze hadden kleine kaken met tanden, en ze hadden een stevig postuur met opvallend korte voorpoten, met aan een van hun 'vingers' een enorme klauw. Bonapartenykus ultimus was een uitzonderlijk grote soort: vertegenwoordigers konden 2,6 m groot worden. Het geslacht is niet vernoemd naar Napoleon, maar naar Josť Bonaparte, die in 1991 de eerste alvarezsauride in PatagoniŽ ontdekte.

Wat het nest bijzonder maakt, is dat het niet alleen twee eieren bevat, maar ook botten uit een achterpoot. Dat lijkt erop te wijzen dat het moederdier ter plaatse is gestorven, waarschijnlijk nog met beide eieren in de eileider. Anderzijds wijzen talrijke eierschalen die later werden gevonden erop dat er een aanzienlijke onttrekking van calciet aan de binnenste laag van de eierschaal heeft plaatsgevonden, wat erop wijst dat op zijn minst een deel van de eieren was uitgebroed en dat de embryo's in een gevorderd stadium van ontwikkeling verkeerden.


Reconstructie van Bonapartenykus
by hun nest (figuur Gabriel Lio).

De eierschalen zijn op zichzelf ook bijzonder: analyse toonde aan dat ze niet kunnen worden ingedeeld in bestaande groepen die zijn gebaseerd op de microstructuur van eierschalen. Daarom is een nieuwe 'eierfamilie', de Arraigadoolithidae, voorgesteld. Maar er is meer: met een scanning electron microscoop werden ongewone (gefossiliseerde) objecten in de luchtkanaaltjes van de eierschalen gezien. Het gaat waarschijnlijk om schimmels. In dat geval zou het gaan om de eerste vondst van dino-eieren die door schimmels zijn aangetast.

Referenties:
  • Agnolin, F.L., Powell, J.E., Novas, F.E. & KundrŠt, M., 2012. New alvarezsaurid (Dinosauria, Therapoda) from uppermost Cretaceous of north-western Patagonia with associated eggs. Cretaceous Research 35, p. 33-56.

Illustraties: Universiteit van Uppsala, Uppsala (Zweden).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl