NGV-Geonieuws 11 artikel 154

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Juni 2001, jaargang 3 nr. 2 artikel 154

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 11! Op de huidige pagina is alleen artikel 154 te lezen.

<< Vorig artikel: 153 | Volgend artikel: 155 >>

154 Poging om 'rampmeer' in Kameroen te temmen
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

    Klik hier om dit artikel af te drukken !

Uit het Nyos-meer in Kameroen kwam op 21 augustus 1986 een grote hoeveelheid koolzuurgas vrij. Door zijn relatief hoge massa stroomde dit gas via dalsystemen omlaag, waarbij mensen en dieren in hun slaap verrast werden. Meer dan 1700 mensen en grote aantallen vee en andere dieren kwamen zo door verstikking om het leven. De oorzaak van deze ramp kon pas veel later achterhaald worden. Daarbij werd onder meer vastgesteld dat in de bewuste nacht zo'n 80 miljoen m3 CO2 uit de diepte van het vulkanische meer moet zijn opgestegen.


ONTGASSINGFONTEIN VAN 47 METER IN LAKE NYOS JANUARI 2001 (G.KLING)

Al in 1984 waren 37 mensen omgekomen bij een soortgelijke gebeurtenis, die plaatsvond in een 35 km verderop gelegen meer. Die ramp werd door de autoriteiten echter lang verzwegen. Bij de ramp van 1986, waarbij zoveel slachtoffers vielen, was dat niet mogelijk. De internationale aandacht die deze ramp kreeg leidde al spoedig tot uitgebreid onderzoek, waarbij duidelijk werd dat zulke uitbarstingen van koolzuurgas zich in de toekomst nog vaker kunnen voordoen. Daarom zijn plannen ontwikkeld om het 'rampmeer' te temmen. Dit zou kunnen gebeuren door het meer periodiek te ontgassen, maar dit is - mede door de gebrekkige infrastructuur ter plaatse - een moeilijk uitvoerbare zaak. Toch is men nu zo ver dat op afzienbare termijn een poging zal worden ondernomen.

Daarbij zal een simpele techniek worden toegepast. Men wil een 200 m lange buis van polyetheen in het meer laten zakken tot op het niveau waar het koolzuurgas in grote hoeveelheden zit opgelost; dat water wil men oppompen, zodat het koolzuurgas aan het oppervlak gecontroleerd en in relatief kleine hoeveelheden kan vrijkomen. Niet alle onderzoekers steunen dit plan echter: sommigen vrezen dat een dergelijk proces de omstandigheden in het 200 m diepe meer zodanig zal verstoren dat er juist een nieuwe explosieve vrijzetting van het koolzuurgas zal volgen (als dat al het geval zou zijn, zou het aantal slachtoffers overigens zeer beperkt blijven, want de bewoners van de dorpen in de dalen vanaf het Nyos-meer zijn inmiddels geŽvacueerd). Zij baseren hun angst op het feit dat het meer van boven weliswaar wordt gevoed door regenwater, maar van onderen door kaliumrijke bronnen, die ook voortdurend koolzuurgas in het meer brengen. Dat blijft in de onderste regionen in oplossing door de druk die wordt uitgeoefend door het bovenliggende waterpakket. Wanneer de druk in dat bovenste waterpakket wordt verminderd, kan - net als in een fles champagne die ontkurkt wordt - het koolzuurgas plotseling vrijkomen. De CO2-fonteinen die in 1986 optraden moeten zeker 10 m hoog hebben gespoten. Dat kan ook als de bovenste waterlaag door een ander proces wordt verstoord, zoals door een modderstroom over de helling (dat is waarschijnlijk wat in 1986 gebeurde). Het proces van ontgassing dat men heeft voorgenomen moet dan ook met grote voorzichtigheid worden uitgevoerd.

Referenties:
  • Clarke, T., 2001. Taming Africa's killer lake. Nature 409, p. 554-555.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel ' CO2-meer Kameroen wordt aangepakt met plastic buis' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap & Onderwijs' van NRC Handelsblad (17 februari 2001).

Afbeelding uit: http://www.biology.lsa.umich.edu/~gwk/research/nyos.html


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl