NGV-Geonieuws 12 artikel 162

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Oktober 2001, jaargang 3 nr. 3 artikel 162

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 12! Op de huidige pagina is alleen artikel 162 te lezen.

<< Vorig artikel: 161 | Volgend artikel: 163 >>

162 Leven herstelde zich na inslag op grens Krijt/Tertiair in 10.000 jaar
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Omstreeks 65 miljoen jaar geleden, op de grens tussen Krijt en Tertiair, stierven zeer grote aantallen planten- en diersoorten uit als gevolg van een wereldomvattende catastrofe. De - indirecte - reden was de inslag van een hemellichaam (een meteoriet of komeet); de directe reden voor het massale uitsterven was, hoewel ongetwijfeld veel individuen op een of andere wijze direct de dood vonden, gebrek aan voedsel. Er moet namelijk bij de inslag zoveel stof de lucht in zijn geslingerd dat de aarde voor enkele jaren verduisterd was, waardoor plantengroei vrijwel onmogelijk was. Planteneters vonden dus onvoldoende voedsel, en de jagende dieren werden daardoor op hun beurt geconfronteerd met een gebrek aan prooidieren.

Enige tijd na het massale uitsterven van niet alleen onnoemelijk veel individuen maar ook meer dan de helft van alle soorten, ontstond er echter een nieuwe explosie van leven, met ook veel nieuwe soorten. Hoeveel tijd er inmiddels was verstreken, is al geruime tijd onderwerp van verhitte debatten. Dat hangt mede samen met het feit dat de aard van het ingeslagen hemellichaam niet bekend is. Een van de hypotheses is dat er een hele zwerm meteorieten bij betrokken was, en dat de inslagen daarvan gedurende langere tijd plaatsvonden.

Het lijkt nu niet langer mogelijk die laatste hypothese te verdedigen. Amerikaanse en Italiaanse geologen hebben namelijk vastgesteld dat het ging om een enkele inslag. Ze onderzochten daartoe de kalkstenen die in zee werden afgezet. Die gesteenten geven blijk van een tijdlang vrijwel constante aanvoer van het isotoop helium-3, dat kenmerkend is voor stof van andere hemellichamen dat op aarde terechtkomt. In dit geval was die aanvoer constant doordat stof dat afkomstig was van het ingeslagen hemellichaam na de inslag langzaam uit de lucht op aarde terugviel.

Het (bijna) wereldwijd voorkomend kleilaagje dat de grens tussen Krijt en Tertiair aangeeft (en dat ook in de kalkstenen is terug te vinden), blijkt binnen 8.000-12.000 jaar te zijn afgezet. Na dit interval vond weer kalksedimentatie plaats. De onderzoekers redeneren dat de duisternis na de inslag waarschijnlijk enkele jaren heeft geduurd. Toen het weer lichter werd, begon vooral in de oceanen het leven weer op gang te komen. Dat leven in zee produceerde kalk (schaaltjes en skeletjes) dat bezonk en op de bodem kalksteenpakketten vormde. Dat begon dus weer op grote schaal zon 10.000 jaar na de inslag. Kennelijk was die tijd voldoende om het ecosysteem te herstellen en om weer grootschalige voedselketens te krijgen. De kalksedimentatie bleef vervolgens zon 20 miljoen vrijwel constant, waarbij het kalkpakket even snel aangroeide als voor de inslag. Dat betekent dat het leven in zee zon 10.000 jaar na de inslag al weer even uitbundig moet zijn geweest als voor de inslag.

Referenties:
  • Mukhopadhyay, S. Farley, K.A. & Montanari, A., 2001. A sort duration of the Cretaceous-Tertiary boundary event: evidence from extratereestrial helium-3. Science 291, p. 1952-1955.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Na de grote inslag herstelde het leven zich in 10.000 jaar' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap & Onderwijs' van NRC Handelsblad (7 april 2001).


Copyright NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl