NGV-Geonieuws 13 artikel 171

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


0 Januari 0, jaargang 4 nr. 1 artikel 171

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 13! Op de huidige pagina is alleen artikel 171 te lezen.

<< Vorig artikel: 170 | Volgend artikel: 172 >>

171 Zware aardbeving in India was van bijzondere aard
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Structurele geologie, (Plaat)tektoniek & Aardbevingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Op 26 januari 2001 werd India getroffen door een aardbeving. Niet zo maar een aardbeving, want hij kostte aan zon 30.000-50.000 mensen het leven, en de economische schade bedroeg zeker 25 miljard gulden (ruim 10 miljard). Over deze aardbeving zijn inmiddels meer gegevens beschikbaar gekomen.


BHUJ-AARDBEVING IN 2001

De beving was uitzonderlijk zwaar, met een sterkte van X (10) op de schaal van Mercalli-Richter. Het hypocentrum van de beving lag op zon 23 km diepte, het epicentrum lag op 23 NB en 70 OL. Dit gebied wordt vaker door aardbevingen getroffen. De eerste die uit historische bronnen bekend is, dateert van 1668, toen iets noordwestelijker (25 NB, 68OL) in de plaats Samaji zon 30.000 huizen werden verwoest door een aardbeving die ook al een waarde had van X (10) op de schaal van Mercalli-Richter. In 1819 vond een beving plaats waarbij over een lengte van 90 km een steilwandje (nu bekend als 'de muur van Allah') ontstond dat tot 9 m hoog was; bij deze beving kwamen zon 2000 mensen om. In 1956 vond in dit gebied een aardbeving plaats waarbij 115 mensen omkwamen.

Bij de beving van 26 januari 2001 ontstonden scheuren in de bodem tot een meter breed, en werden talrijke huizen verwoest. In de riviervlaktes was de schade - zoals gebruikelijk - veel groter dan in de gebieden met bebouwing direct op hard gesteente. Zo vond op grote schaal bodemvloeiing plaats. Mede hierdoor werden spoorwegen op diverse plaatsen vernield. Ook tal van dammen leden schade.

Analyse van de seismische gegevens wijst op breukvorming in de ondergrond volgens een 50 hellend vlak, waarbij een verschuiving is opgetreden van maximaal 8,5 m. De beving moet een gevolg zijn geweest van de botsing tussen twee lithosfeerschollen; de grens van de Herat-Chaman schol ligt op zon 400 km afstand van het epicentrum, terwijl de grens van de Himalaya schol op zon 1000 km ligt. Aardschokken zijn zelden een direct gevolg van de botsing tussen twee schollen: waarschijnlijk wordt minder dan een half procent van alle aardbevingen hierdoor veroorzaakt. In het betrokken gebied ligt dit percentage veel hoger, omdat de Indische, de Arabische en de Afrikaanse schollen (of onderdelen daarvan) er bij elkaar komen.

Deskundigen pleiten daarom voor meer stringente voorwaarden voor bouwwerken in het betrokken gebied. Veel schade zou kunnen worden voorkomen, en veel mensenlevens zouden kunnen worden gespaard indien daar met de seismische activiteit rekening zou worden gehouden.

Referenties:
  • Gupta, H.K., Rao, N.P., Rastogi, B.K. & Sarkar, D., 2001. The deadliest intraplate earthquake. Science 291, p. 2101-2102

Afbeelding met toestemming van Science


Copyright NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl