NGV-Geonieuws 2 artikel 20

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Maart 1999, jaargang 1 nr. 2 artikel 20

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 2! Op de huidige pagina is alleen artikel 20 te lezen.

<< Vorig artikel: 19 | Volgend artikel: 21 >>

20 Vloeistofinsluitsels van drie miljard jaar oud bevatten olie
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Olie, Gas & Mijnbouw !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Aardolie bestaat uit een mengsel van koolwaterstoffen die, over geologisch lange perioden niet bijzonder stabiel zijn. Bij sterk verhoogde temperatuur en druk (zoals die ontstaan wanneer een oliebevattend gesteente diep begraven wordt onder jongere pakketten) wordt de olie namelijk afgebroken. Bijna alle exploiteerbare olievoorkomens betreffen dan ook gesteenten die niet ouder zijn dan het Devoon. Daarbij komt dat olie ontstaat door omzetting van organisch materiaal; en hoe verder we teruggaan in de aardgeschiedenis, hoe primitiever dat leven was en hoe minder kans dat daarvan ook aanzienlijke restanten bewaard zijn gebleven. Het kwam daarom als een grote verrassing toen Australische onderzoekers meldden olie te hebben aangetroffen van miljarden jaren oud.

Het gaat daarbij niet om winbare hoeveelheden, maar om minuscule vondsten, waarbij de olie deel uitmaakt van vloeistofinsluitsels in oude gesteenten. Volgens de analyses gaat het voornamelijk om twee typen: insluitsels van water plus vloeibaar kooldioxide plus olie, en om insluitsels van voornamelijk water plus olie. Doordat de olie in deze vorm werd beschermd tegen invloeden van buitenaf, kon het overleven zonder dat er kennelijk veel aan zijn eigenschappen veranderde. Die eigenschappen zijn overigens nog slechts zeer ten dele bekend, want de grootte van de insluitsels is niet meer dan enkele microns.

De gesteenten waarin de vondsten werden gedaan komen van diverse plaatsen in Zuid-Afrika en Canada. De ouderdom van de jongste onderzochte pakketten bedraagt ca. tweemiljard jaar, die van de oudste driemiljard jaar. Omdat de desbetreffende gesteenten al - relatief gezien - snel aan verhoogde temperatuur en druk werden blootgesteld, moeten de insluitsels al in een vroegtijdig stadium van de buitenwereld zijn geÔsoleerd. Dat zulke insluitsels in maar liefst vijf gesteenteformaties zijn aangetroffen, en in zulke uiteenlopende gebieden, geeft aan dat het niet gaat om een uitzonderlijke situatie. De onderzoekers concluderen dan ook dat de zeeŽn van destijds - waarin de gesteenten werden gevormd door bezinking van zand- en slibdeeltjes waartussen zich de resten van gestorven organismen ophoopten - waarschijnlijk net zo'n grote productie van biomassa hadden als tegenwoordig. Dat zou betekenen dat het leven op aarde in zeer korte tijd leidde tot een enorm aantal individuen. In hoeverre dat vroege leven ook divers was, is nog nauwelijks duidelijk. De onderzoekers hopen dat nadere analyse van de olierestanten ook daarover meer helderheid zal verschaffen.

Referenties:
  • Dutkiewicz, A., Rasmussen, B. & Buick, R., 1998. Oil preserved in fluid inclusions in Archaean sandstones. Nature 395, p. 885-888.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Aardolie van driemiljard jaar in vloeistofinsluitsels' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap en Onderwijs' van NRC Handelsblad (14 november 1998).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl