NGV-Geonieuws 19 artikel 200

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 April 2002, jaargang 4 nr. 7 artikel 200

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 19! Op de huidige pagina is alleen artikel 200 te lezen.

<< Vorig artikel: 199 | Volgend artikel: 201 >>

200 Rocky Mountains herbergt ongekend veel gletsjers
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Glaciologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Uit het Rocky Mountain National Park, in de omgeving van Denver, waren zes gletsjers bekend. Daaraan zijn er nu meer dan honderd toegevoegd. Dat gebeurde na een onderzoek in het centrale, ruige deel van de Rocky Mountains (bij de lezers van 'Arendsoog' beter bekend als 'het Rotsgebergte'), langs de toppen die de waterscheiding vormen tussen de Atlantische en de Stille Oceaan. Omdat het onderzoek beperkt bleef tot het nationale park, mag worden aangenomen dat ook elders in de Rocky Mountains veel meer gletsjers voorkomen dan tot nu toe bekend was.




Volgens een bericht van de Geologische Dienst van de Verenigde Staten is deze bevinding - die gebaseerd is op een onderzoek van de geoloog Jonathan Achuff dat overigens slechts een zomer in beslag nam - om twee redenen opvallend. In de eerste plaats wordt aangenomen dat de mondiale temperatuurstijging zorgt voor een voortdurende afname van de grootte van gebergtegletsjers, en daarmee op den duur voor hun verdwijnen; 'nieuwe' gletsjers zouden erop kunnen wijzen dat die trend niet algemeen geldig is. In de tweede plaats is het nationale park een van de meest intensief onderzochte delen van de Rocky Mountains; dat bij noch het vroegere veldonderzoek, noch vanaf luchtfoto’s het grote aantal gletsjers werd ontdekt, is moeilijk te verklaren als ze er 'altijd' al zijn geweest.

De gletsjers waarom het gaat zijn niet al te opvallend. De meeste liggen zeer hoog (boven de 3650 m), in nauwelijks door de zon bereikte, noordwaarts gerichte kommen ten oosten van de waterscheiding. Bovendien zijn ze grotendeels of geheel bedekt met steen en gruis, afkomstig van bij vorst versplinterde stukken rotswand. Toch bleek het mogelijk om, toen de gletsjers eenmaal in kaart waren gebracht, sommige op luchtfoto’s terug te vinden. Ook de vergelijking van oude en nieuwe luchtfoto’s leverde, evenals de vergelijking van beide met de huidige situatie, overigens een verrassing op. Volgens de staf van het park komt duidelijk naar voren dat tenminste sommige van de nu gevonden gletsjers een voortdurende groei te zien geven.

Het verschijnsel van aangroeiende gletsjers is overigens niet helemaal onbekend: ook in Scandinavië komt dit voor. Daar wordt de aangroei wel verklaard door toegenomen neerslag (in de vorm van sneeuw) op de gletsjers als gevolg van meer aanvoer van vochtige lucht uit zee. In de Rockies gaat dat uiteraard niet op; mogelijk speelt daar de uitbreiding van Denver met - net als andere steden - een wat warmer microklimaat een rol doordat de warmere lucht gedurende de zomer zorgt voor meer bewolking waaruit neerslag kan vallen.

Momenteel worden voorbereidingen getroffen om het onderzoek in de komende zomer voort te zetten, waarbij boorkernen uit gletsjerijs zullen worden genomen, en mogelijk ook de ijsbeweging via satellieten zal worden geregistreerd. Tevens bestaat het voornemen om met seismisch onderzoek de omvang en dikte van de ijsmassa’s nauwkeuriger vast te leggen.

Referenties:
  • Verringia, J.B., 2001. Geologists surprised to find glaciers. AP 2001.10.04.18.40 ET.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Geoloog vindt veel nieuwe gletsjers in de Rocky Mountains' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap & Onderwijs' van NRC Handelsblad (13 november 2001).

Afbeelding uit: http://www.uvm.edu/whale/GlaciersGlacialAges.html


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl