NGV-Geonieuws 21 artikel 211

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Mei 2002, jaargang 4 nr. 9 artikel 211

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 21! Op de huidige pagina is alleen artikel 211 te lezen.

<< Vorig artikel: 210 | Volgend artikel: 212 >>

211 Groeves in Hongarije omgetoverd in geologisch park
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

    Klik hier om dit artikel af te drukken !

Ongeveer 70 km ten noordwesten van Boedapest, bij het stadje Tata, is een soort 'geologische tuin' verrezen. Het gaat om een gebied waar oorspronkelijk diverse groeves werden geëxploiteerd in gesteenten van uiteenlopende ouderdom. Meer dan 100 miljoen jaar van het Mesozoďcum is er in een beperkt gebied ontsloten. Het Mesozoďcum is rijk aan fossielen, die al sinds de 19e eeuw door geologen zijn verzameld en bestudeerd. Verder komen er fluviatiele (door rivieren gevormde) afzettingen voor uit het Oligoceen en lacustriene (in een meer gevormde) afzettingen uit het Mioceen. De activiteit van warme bronnen heeft sinds het einde van de laatste ijstijd gezorgd voor travertijnafzettingen. Ook zijn er in het kalksteenrijke gebied tal van grotten uitgesleten door onderaardse rivieren. Om de zaak extra interessant te maken komen er ook nog plaatsen voor waar de prehistorische mens vuursteen heeft opgegraven.

Het zo dicht bij elkaar voorkomen van zoveel interessante aardwetenschappelijke fenomenen is al relatief vroeg onderkend: in 1958 werd een deel van het gebied tot een beschermd geologisch gebied verklaard. Daarna is, vooral dankzij de steun van medewerkers van het Hongaars Geologisch Instituut, stapje voor stapje verder gewerkt aan het gebied, dat in 1969 tot geologisch park werd verklaard. Dat kon mede gebeuren doordat in het gebied steeds meer groeves werden gesloten. In de loop van de zeventiger jaren werd ook de laatste groeve gesloten.

Sindsdien is het park verder ontwikkeld. Daartoe zijn, ten behoeve van het publiek, grote blokken van de meest kenmerkende gesteenten als een soort monolithische beelden opgesteld. Ook is er een tentoonstelling ingericht met de grondstoffen die er zijn gewonnen, maar ook met meer dan 600 plantensoorten uit het park. Dit kon mede gebeuren door de inspanningen die het Bureau voor Natuurbescherming in 1994-1995 hiervoor over had. Zo is een geologisch park ontstaan dat nu als min of meer 'af' kan worden beschouwd.

Het park, dat wordt beheerd door de Eötvös Loránd Universiteit in Boedapest, heeft een oppervlakte van 2,8 hectare. Van april tot oktober is het iedere dag open voor het publiek. Buiten schoolkinderen uit Hongarije zelf wordt het park nu jaarlijks door zo’n 6000-7000 toeristen bezocht.

Referenties:
  • Haas, J. & Hámor, G., 2001. Geological garden in the neighborhood of Budapest, Hungary. Episodes 24, p. 257-261.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl