NGV-Geonieuws 2 artikel 23

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Maart 1999, jaargang 1 nr. 2 artikel 23

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 2! Op de huidige pagina is alleen artikel 23 te lezen.

<< Vorig artikel: 22 | Volgend artikel: 24 >>

23 Zure uitstoot van vulkaan tast milieu op Java minder ernstig aan dan menselijke activiteiten
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Vulkanologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Java kent talrijke vulkanen. De Patuha, in het westen van het eiland, is een slapende vulkaan met een kratermeer waarin zich vloeistoffen bevinden die ontstaan door interactie van neerslag en gassen die opstijgen uit het onderliggende, langzaam afkoelende magma. Het water in het kratermeer is extreem zuur, met een hoge concentratie van veel elementen, waaronder potentieel toxische (aluminium, ijzer, arsenicum, borium en diverse zware metalen).

In de directe omgeving van de vulkaan ontspringen stroompjes die afwateren in de rivier de Citarum. Dat water bevat opgeloste stoffen die overeenkomen met die uit het kratermeer. Dit impliceert dat de vulkaan een milieuvervuilend effect heeft dat zich uitstrekt in stroomafwaartse richting van de vulkaan. Hoe dit gebeurt en in welke mate, is vastgelegd in het proefschrift van T. Sriwana, die op 9 november in Utrecht promoveerde.

De vulkaan stoot per jaar minimaal 6000 ton zwavel, 9000 ton chloride en 50 ton fluor uit, vooral in de vorm van SO2-, H2S-, HF- en HCl-houdende gassen. Door condensatie ontstaan uit deze gassen sterke zuren, die deel leiden tot de neerslag van zuivere zwavel en van zwavelhoudende mineralen. Die neerslag hangt samen met de concentratie zuur in het meer, die voornamelijk afhangt van de regenval (die sterk varieert per seizoen). Het weglekkende water, dat zich verder verspreidt naar de Citarum, heeft dan ook een wisselende zuurgraad. De bovenloop van de Ciwidey, een zijrivier van de Citarum, is sterk met zuren en diverse elementen verontreinigd, maar wordt niettemin gebruikt voor irrigatie van de landbouwgronden. Pas op ongeveer 30 km van de bron zijn de concentraties van de vervuilende bestanddelen, door vermenging met andere waterstromen, niet hoger meer dan het natuurlijke achtergrondniveau.

Sriwana heeft hij ook aandacht besteed aan vervuilende activiteiten van de mens als 'storende' factor bij de natuurlijke ontwikkeling, vooral aan de hand van sulfaat- en chlorideconcentraties. Uit dat onderzoek blijkt dat de stroomafwaartse toename van vervuilende elementen in de Citarum voor het overgrote deel is toe te schrijven aan menselijk handelen (industriŽle lozingen, afvalstort, kunstmest uit landbouwgebieden, huishoudelijk afval). De Patuha en een andere vulkaan (de Tangkubanparahu) brengen via de zijrivieren jaarlijks weliswaar zuren in de Citarum, maar de jaarlijks ongeveer 141.000 ton sulfaat die door de rivier wordt getransporteerd is maar voor 5,7% van vulkanogene oorsprong en de 77.000 ton chloride voor 7,0%. Hoewel de vulkanen dus in absolute zin veel bijdragen aan de slechte waterkwaliteit, moet de voornaamste schuld worden toegekend aan onzorgvuldig menselijk handelen.

Referenties:
  • Sriwana, T., 1998. Volcanogenic pollution - element accumulation and dispersal around Patuha volcano and Ciwidery River, West Java, Indonesia. Proefschrift Univ. Utrecht, 175 blz.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Menselijk handelen is vervuilender dan vulkanische activiteit' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap en Onderwijs' van NRC Handelsblad (28 november 1998).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl