NGV-Geonieuws 25 artikel 230

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Juli 2002, jaargang 4 nr. 13 artikel 230

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 25! Op de huidige pagina is alleen artikel 230 te lezen.

<< Vorig artikel: 229 | Volgend artikel: 231 >>

230 Kaspische Zee bergt vele geheimen
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Structurele geologie, (Plaat)tektoniek & Aardbevingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !


KASPISCHE ZEE

De Kaspische vertoont tal van rare trekjes. Dat hangt uiteraard met zijn ontstaansgeschiedenis. Daarvan is echter nog betrekkelijk weinig in detail bekend. De zee is een overblijfsel van de vroegere Tethys-zee, die werd dichtgedrukt door de verschuiving van continenten. Nog steeds schuift er materiaal van de zuidelijke noordwaarts onder een andere schol weg. De daarbij optredende wrijvingswarmte zorgt voor talrijke aardbevingen.

Daarnaast is het gebied van de Kaspische Zee een dalend bekken. Bijna nergens ter aarde daalt de bodem zo snel. Het gevolg is dat zich in de loop van de geologische geschiedenis dikke pakketten sediment hebben kunnen ophopen. Dat sediment zit, zeker aanvankelijk, nog vol met water. Naarmate er meer sedimenten bovenop worden gestapeld, komt dat poriŽnwater onder steeds grotere druk te staan. Als er dan weer eens een aardbeving optreedt, is dat vaak genoeg om het onder druk staande poriŽnwater een weg omhoog te laten zoeken, door de overliggende lagen heen. Dat opstijgende water sleurt ook veel sediment mee, waardoor aan het sedimentoppervlak moddervulkanen ontstaan. Die blijven soms onder water (de diepte van de Kaspische Zee varieert van gemiddeld weinig meer zoín 10 m in het betrekkelijk stabiele zuidelijke deel tot meer dan een kilometer in het veel onrustiger noordelijke deel), soms komen ze er ook bovenuit, waarbij ze echte eilanden kunnen gaan vormen. In oktober 2001 ontstond er zo een moddervulkaan die modder tientallen meters hoog de lucht in uitbraakte, maar waarbij de vlammen (methaan, moerasgas) dat mee omhoog kwam soms nog hoger oplaaiden. Dat was overigens nog niets vergeleken bij de ontwikkeling van zo moddervulkaan in 1959, toen materiaal tot 10 km hoog werd weggeslingerd, ook gepaard met een enorme vuurzuil. De vulkaan was binnen korte tijd een halve kilometer in doorsnede.

Een andere opvallende eigenschap, die echter veel minder goed wordt begrepen, is het wisselende waterniveau. Ongeveer 5,5 miljoen jaar geleden was door een snelle daling van de waterspiegel weinig meer van de Kaspische Zee overgebleven dan een plasje. Maar ook nu nog treden er onverklaarbare veranderingen in de waterstand op. Zo steeg het niveau tussen 1978 en 1994 met twee meter, en daalt het niveau sindsdien weer.

Referenties:
  • Burnhill, T., 2002. Pillars of fire, poison gas - and gobs of oil, too. Science 295, p. 431.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl