NGV-Geonieuws 30 artikel 256

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Oktober 2002, jaargang 4 nr. 18 artikel 256

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 30! Op de huidige pagina is alleen artikel 256 te lezen.

<< Vorig artikel: 255 | Volgend artikel: 257 >>

256 Wegzakkende aardschol hoorbaar
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Geofysica ! Klik hier voor alle artikelen over het Inwendige van de Aarde !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De Japanse geofysicus Kazushige Obara heeft een aardschol horen wegzakken. Niet met een geluid zoals dat bij een instortend huis hoorbaar is, maar aan de hand van seismische trillingen die niet voor de mens hoorbaar zijn (wel echter voor veel dieren).

Het gaat om 'geluid' met frequenties van 1-10 Hz (soms iets buiten dat bereik), dat soms enkele weken lang aanhield. De trillingen ontstonden op een diepte van ongeveer 30 km (ongeveer ter diepte van de Moho (de Mohorovicic-discontinuďteit: het grensvlak tussen aardkorst en aardmantel), langs het vlak waar de Filippijnen-schol via subductie als gevolg van schollentektoniek in de diepte verdwijnt. De betrokken zone is ongeveer 600 km lang.

De trillingen werden opgevangen met een zeer gevoelig seismografisch netwerk - bestaande uit ongeveer 600 digitale seismometers die, verspreid over heel Japan, in boorgaten op diepten van 100-200 m zijn aangebracht - van het Nationale Onderzoeksinstituut voor Aardwetenschappen en Preventie van Natuurrampen. De frequentie van de trillingen is ruwweg een tiende van die van 'gewone' aardbevingen. Daarom zijn ze goed van die 'normale' aardbevingen te onderscheiden; ze duren ook veel langer. Tussen de perioden met trillingen liggen perioden van rust die gewoonlijk enkele maanden duren.

Obara verklaart de optredende trillingen door het bezwijken van gesteentemassa’s onder invloed van de verschuivingen onder grote druk via onregelmatige contactvlakken. Bij dat proces zouden vloeistoffen uit de wegzakkende schol vrijkomen. Onder invloed van de hoge temperatuur en druk ter plaatse zouden die waterige vloeistoffen zich mengen met gedeeltelijk opgesmolten gesteentemassa’s, en zouden ze zich in een zogeheten superkritieke toestand bevinden. Onder deze omstandigheden zou er in het gesteente een 'kettingreactie' kunnen optreden van scheurvorming.

Deze gedachte is niet onlogisch. Ook van vulkanen is bekend dat bij ondergrondse activiteit trillingen worden opgewekt, die soms zelfs hoorbaar zijn. Ook die trillingen worden toegeschreven aan 'stromen' van magmatische vloeistoffen in de ondergrond. Deze geluiden worden zelfs gebruikt als signaal voor een mogelijk naderende uitbarsting. Van niet-vulkanische gebieden was dit soort geluiden echter tot nu toe onbekend.

Referenties:
  • Julian, B., 2002. Seismological detection of slab metamorphism. Science 296, p. 1625-1626.
  • Obara, K., 2002. Nonvolcanic deep tremor associated with subduction in Southwest Japan. Science 296, p. 1679-1681.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl