NGV-Geonieuws 38 artikel 295

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Februari 2003, jaargang 5 nr. 3 artikel 295

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 38! Op de huidige pagina is alleen artikel 295 te lezen.

<< Vorig artikel: 294 | Volgend artikel: 296 >>

295 Oliepijpleidingen in Alaska weerstaan aardbeving
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over het Milieu ! Klik hier voor alle artikelen over Olie, Gas & Mijnbouw !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Tegen oliewinning in Alaska zijn vanaf de eerste plannen talrijke bezwaren aangevoerd. Die hadden vrijwel alle de bescherming van het kwetsbare milieu als uitgangspunt. Als een van de grootste gevaren werd de noodzakelijke oliepijpleiding beschouwd. Die zou ondermeer de trek van de rendieren hinderen. Dat probleem kon relatief gemakkelijk worden opgelost door de pijplijn op veel plaatsen zo hoog te leggen (gesteund door pijlers) dat de rendieren er ongestoord onderdoor konden trekken. Dat blijkt in de praktijk ook te gebeuren. Een tweede bezwaar was dat de olie in het koude klimaat van Alaska zeer dik is, en dus verwarmd moet worden om te kunnen stromen. De warme pijpleiding zou echter de permafrost kunnen laten smelten, en daarmee het gebied veranderen in een voor de fauna ontoegankelijk moeras. Door de leiding hoog aan te leggen, kon ook dat probleem worden ondervangen. Het gevaar van warme olie die over de permafrost uitstroomt, was daarmee echter nog niet van de baan: de pijpleiding zou immers kunnen breken, hetzij door een terroristische actie, hetzij door een aardbeving. Om terroristische acties tegen te gaan, wordt de leiding veelvuldig vanuit de lucht gecontroleerd; tot nu toe hebben zich geen problemen van deze aard voorgedaan.

Met aardbevingen lag de zaak wat moeilijker. Geologen van de Amerikaanse Geologische Dienst (USGS) onderkenden dat probleem al spoedig, en wensten daarom een zwaarder uitgevoerde leiding dan de technici noodzakelijk achtten. De geologen wonnen bij wijze van uitzondering. En als speciaal foefje werden er ook wat knikzones in de leiding ingebouwd, waardoor hij niet zou breken maar als een harmonica verder ingedrukt zou worden als er druk op zou worden uitgeoefend.

Daarmee zal iedereen zich nu gelukkig prijzen, want begin november vond de zwaarste aardschok plaats die ooit in de Verenigde Staten is geregistreerd, en het epicentrum lag precies onder de olieleiding in Alaska. De extra kosten die aan de sterkere olieleiding waren verbonden, bleken wel besteed: de leiding bleef intact en er kwam geen druppel olie uit. 'Een voorbeeld van hoe de wetenschap kan helpen om de risico’s van natuurrampen voor de maatschappij te helpen verminderen', merkte Robert Page, een seismoloog van de USGS, op. Daarbij doelde hij mede op het feit dat de olieleiding was ontworpen om een aardbeving met een kracht van 8,0 op de schaal van Mercalli-Richter te kunnen weerstaan. Dit was de zwaarste schok die de seismologen zich destijds voor dit gebied konden voorstellen: een zeer zware schok, maar mogelijk omdat de Denali-breukzone de 1280 km lange olieleiding kruist. De schok van begin november bleek een kracht te hebben van 7,9.

Referenties:
  • Kerr, R.A., 2002. Whole lotta shakin’ in Alaska, as predicted. Science 298, p. 1316.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl