NGV-Geonieuws 3 artikel 32

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Juni 1999, jaargang 1 nr. 3 artikel 32

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 3! Op de huidige pagina is alleen artikel 32 te lezen.

<< Vorig artikel: 31 | Volgend artikel: 33 >>

32 In ArgentiniŰ zagen ze ze 3,3 miljoen jaar geleden niet vliegen
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Astronomie ! Klik hier voor alle artikelen over Sedimentologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De karakteristieke eigenschappen van loess zijn ervoor verantwoordelijk dat de kust van de Atlantische Oceaan vlak bij het Argentijnse stadje Miramar steile kliffen vormt. Daarin bevindt zich een laag met glasachtige brokken, waarvan sommige een grootte bereiken van twee meter. Door de locale bevolking, waar deze glasbrokken al meer dan een eeuw onder de naam 'escoria's' bekend zijn, werd het ontstaan toegeschreven aan blikseminslag of aan vuren die door prehistorische bewoners zouden zijn aangestoken.

Geologen die ter plaatse de loessafzettingen onderzochten en toevallig met het glasachtige materiaal werden geconfronteerd, hebben hiervoor nu een geheel andere verklaring gegeven. Zij menen dat de glaslichamen het gevolg zijn van de inslag van een astero´de. De bolide zou zo'n 3,3 miljoen jaar geleden in een - nu door de zee overspoeld - loessgebied even buiten de huidige kust terecht zijn gekomen, en daar bij de overdracht van zijn enorme kinetische energie de locale loesspakketten hebben verglaasd, opgebroken en zelfs de grote de brokstukken over afstanden tot ruim 50 km weggeslingerd. De onderzoekers maken dit op uit de eigenschappen van de escoria's. Die vertonen namelijk streperige vloeistructuren die karakteristiek zijn voor verglaasde gesteenten zoals die ook van andere inslagen bekend zijn; verder zijn er mineralen gevormd die alleen kunnen ontstaan bij temperaturen die aanzienlijk hoger zijn dan die welke optreden bij blikseminslag, vulkaanuitbarstingen of andere aardse verschijnselen. De chemische samenstelling van de escoria's is bovendien gelijk aan die van de loessafzettingen in de directe omgeving.

De onderzoekers menen dat er sprake moet zijn geweest van een astero´de met een doorsnede van ongeveer een kilometer (ter vergelijking: de bolide die op de grens tussen Krijt en Tertiair insloeg, waarbij het leven op aarde sterk werd gereduceerd, had waarschijnlijk een tienmaal zo grote diameter). Als gevolg daarvan zou een inslagkrater met een doorsnede van zo'n 20 km moeten zijn ontstaan. De gevolgen waren ook in dit geval zeer ernstig voor het leven. Het moment van inslaan, dat radiometrisch is bepaald, komt namelijk overeen met het moment waarop 36 geslachten van zoogdieren - die vaak alleen van dat gebied bekend zijn - uitstierven.

Sceptici, die overigens toegeven dat er een grote inslag moet hebben plaatsgevonden, wijzen er echter op dat er continu veel diersoorten uitsterven, dus dat het verdwijnen van de zoogdiergeslachten niet zonder meer aan de inslag mag worden toegeschreven. De inslag vond bovendien plaats op een moment dat - geologisch gezien - betrekkelijk korte tijd (100.000 jaar) vooraf ging aan een plotselinge sterke afkoeling (met ca. 2░C) van het bodemwater in de Atlantische Oceaan en de Stille Zuidzee. Of er een oorzakelijk verband is, durven de onderzoekers niet met zekerheid te beweren. Ook oceanografen lijken vooralsnog in meerderheid niet uit te gaan van een oorzakelijk verband. Wel zeker is dat er geen prehistorische mensen getuige waren van de overvliegende glasbrokken: die mensen waren er immers nog niet.

Referenties:
  • Schultz, P.H., Zarate, M., Hames, W., Camilion, C. & King, J., 1998. A 3.3-Ma impact in Argentina and possible consequences. Science 282, p. 2061-2063.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Verglaasde massa's vlogen 50 km ver' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap & Onderwijs' van NRC Handelsblad (9 januari 1999).


Copyright ę NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl