NGV-Geonieuws 49 artikel 351

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Juli 2003, jaargang 5 nr. 14 artikel 351

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 49! Op de huidige pagina is alleen artikel 351 te lezen.

<< Vorig artikel: 350 | Volgend artikel: 352 >>

351 La Palma blijft stijgen
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Structurele geologie, (Plaat)tektoniek & Aardbevingen ! Klik hier voor alle artikelen over Vulkanologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Hoe hard de zeespiegel ook mag stijgen, de toeristen die La Palma als vakantieoord hebben uitgekozen zullen er geen natte voeten door krijgen, want het eiland wordt al geruime tijd opgeheven, en dat gaat nog steeds door. Dat blijkt uit Frans/Spaans onderzoek, waarbij landschapsvormen werden geanalyseerd en de tijd van hun vorming radiometrisch werd bepaald.
La Palma, een van de Kanarische Eilanden, is een vulkanisch eiland van ongeveer 730 km2. Het noordelijke deel bestaat uit een uitgedoofde (of slapende) schildvulkaan; het zuidelijk deel kent nog actief vulkanisme. Dat hangt samen met de ligging op een breukzone in de oceanische korst, die tot uiting komt in een vulkanische rug waarop de eilandengroep ligt. La Palma is in feite een top van die rug en mag worden beschouwd als onderdeel van een 6 km hoge vulkaan op de zeebodem.

Een opvallend gedeelte van La Palma is de Caldera de Taburiente, het overblijfsel van een vulkaan die explosief zoveel materiaal uitbraakte dat de vulkaan zelf instortte. De vrijwel cirkelvormige krater heeft een doorsnede van 5 km en is - ten opzichte van de toppen van de krater, zo’n 1000 m diep. Vanuit deze instortingskrater is een diep dal geërodeerd (de Barranco de las Angustias) waarin kussenlava’s te zien zijn op 600 m hoogte. Omdat kussenlava’s ontstaan wanneer lava in zee uitstroomt, moet het gebied sindsdien dus minimaal 600 m zijn opgeheven. Datering van de lava met de K/Ar-methode wijst op een ouderdom van 507.000 (plus of min 11.000) jaar. Dat betekent een gemiddelde opheffingssnelheid van 0,4 mm per jaar. Deze waarde komt overeen met eerdere schattingen van de opheffingssnelheid op basis van de aanwezigheid van langs de kust gevormde (maar nu boven het zeeniveau liggende) afzettingen. Ook terrassen op het noordelijk deel van het eiland wijzen op zo’n opheffingssnelheid.

Uit de diverse waarnemingen concluderen de onderzoekers dat de opheffing in het verleden vrij constant moet zijn geweest, en dat die opheffing ook nu nog, met gelijke snelheid, doorgaat. Daarmee is La Palma een van de weinige oceanische eilanden die momenteel niet dalen maar juist worden opgeheven. De onderzoekers menen dat de opheffing een gevolg is van een locale opheffing van de oceanische korst onder invloed van de concentratie ter plaatse van magma (in een zogenaamde magmahaard), dat door de breukvorming van de korst ter plaatse relatief gemakkelijk uit de diepte kan oprijzen.

De voortgaande opheffing brengt risico’s met zich mee: hellingen worden er iets steiler door en dat kan net genoeg zijn om grote grondverschuivingen te initiëren. Dat is in het verleden ook met redelijk grote frequentie (maar onregelmatig) gebeurd. Helemaal veilig voor toeristen is La Palma dan ook niet.

Referenties:
  • Hildenbrand, A., Gillot, P.-Y., Soler, V. & Lahitte, P., 2003. Evidence for a persistent uplifting of La Palma (Canary Islands), inferred from morphological and radiometric data. Earth Planetary Science Letters 210, p. 277-289.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl