NGV-Geonieuws 52 artikel 369

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 September 2003, jaargang 5 nr. 17 artikel 369

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 52! Op de huidige pagina is alleen artikel 369 te lezen.

<< Vorig artikel: 368 | Volgend artikel: 370 >>

369 Nog oudere Ediacara-fauna gevonden
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De Ediacara-fauna blijft om tal van redenen intrigeren. De fauna wordt vrijwel alleen gevonden in Precambrische gesteenten, d.w.z. in gesteenten die dateren van voor het moment dat er plotseling (aan het begin van het Cambrium, ca. 544 miljoen jaar geleden) een uitbundige en gevarieerde fauna optrad, inclusief allerlei dieren met een uitwendig skelet (schelpen, etc.). De Ediacara-fauna, die grotendeels bestaat uit afdrukken in modderige bodems, bestond uit dieren die geen harde delen hadden die gemakkelijk konden fossiliseren. Van de meeste dieren kunnen we alleen vaststellen dat het gaat om soorten van groepen die (waarschijnlijk grotendeels al op de overgang van Precambrium naar Cambrium) zijn uitgestorven. Het ging niettemin om een betrekkelijk soortenrijke fauna, waarbij sommige soorten een lengte van meer dan een meter bereikten. Dat is des te opmerkelijker omdat het de eerst bekende fauna is van complexe meercellige dieren.

In Newfoundland is nu een nieuwe vindplaats van deze fauna ontdekt. En net zoals dat bijna altijd het geval is, biedt ook deze vindplaats weer een aantal verrassingen. Wellicht het belangrijkste is dat de gesteenten aanzienlijk ouder zijn (580 miljoen jaar) dan de tot nu toe oudste bekende Ediacara-fauna (565 miljoen jaar). De gesteenten waarin de nieuwe fauna is aangetroffen ligt 1500 m onder een ander niveau waarin al eerder een Ediacara-fauna was aangetroffen. Het pakket met de nieuw ontdekte fauna bestaat uit vulkanische as die in zee is terecht gekomen. De vallende as heeft waarschijnlijk het leven ter plaatse tijdelijk onmogelijk gemaakt, maar tegelijk gezorgd dat de dieren direct zodanig onder een sedimentpakket opgesloten werden, zodat aaseters (als die er waren) geen tijd kregen om de restanten op te eten. Tevens zorgde de verse as dat de dieren een in veel gevallen goed bewaard gebleven afdruk in de bodem achterlieten.


CHARNIA MASONI AFKOMSTIG UIT DE DROOK FORMATION ROCKS NABIJ PORTUGAL COVE SOUTH IN NEWFOUNDLAND

Opvallend is dat de fauna voorkomt in een pakket dat net boven aanzienlijke afzettingen van een ijstijd ligt. De glaciale afzettingen (ca. 595 miljoen jaar oud) werden gevormd in een tijd dat volgens sommige onderzoekers de hele aarde (dus inclusief de oceanen) bedekt was met een ijslaag ('sneeuwbal aarde'). Het nauwe stratigrafische verband zou een aanwijzing kunnen zijn dat deze uitgebreide ijstijd in het late Precambrium heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van complexe levensvormen.


De fauna bestaat ter plaatse uit slechts twee als zodanig herkenbare soorten: Charnia masoni (een soort die al uit Engeland bekend was) en een nieuwe soort: Charnia wardi. De exemplaren hiervan zijn maximaal bijna 2 m lang, waarmee het gelijk de grootst bekende soort uit de Ediacara-fauna is.

Referenties:
  • Narbonne, G.M. & Gehling, J.G., 2003. Life after snowball: the oldest complex ediacaran fossils. Geology 31, p. 27-30.

Afbeelding met toestemming van Guy Narbonne (copyright holder). Voor uitvoerige gegevens: http://www.geol.queensu.ca/museum/exhibits/ediac/drook/


Copyright NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl