NGV-Geonieuws 67 artikel 441

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 April 2004, jaargang 6 nr. 8 artikel 441

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 67! Op de huidige pagina is alleen artikel 441 te lezen.

<< Vorig artikel: 440 | Volgend artikel: 442 >>

441 Ongewoon risico voor geologen door arsenicum
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over het Milieu !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Arsenicum is vergiftig, dat weet langzamerhand iedereen. Het komt van nature voor in tal van gesteenten, soms in zoín grote hoeveelheid dat uitloging van die gesteenten door regenwater kan leiden tot grondwater dat bij gebruik als drinkwater gezondheidsproblemen kan opleveren. Maar in datzelfde grondwater kunnen nog tal van andere gevaarlijke stoffen zitten. Dat is vaak reden (en in Nederland gebeurd dat altijd) om als drinkwater opgepompt grondwater op dergelijke stoffen te controleren. Hetzelfde geldt uiteraard voor oppervlaktewater dat als drinkwater wordt gebruikt.


HET MINERAAL REALGAR (ARSEENSULFIDE)

In 1992 kreeg een team van de Britse Geologische Dienst opdracht om bronwater in Bangladesh te onderzoeken. Daar werden tal van nieuwe waterputten geslagen om veiliger water voor de locale inwoners te krijgen. Omdat het oppervlaktewater in het desbetreffende gebied vaak verontreinigd is met ongezuiverd rioolwater en met een heel scala van bacteriŽn, moest het onderzoeksteam volgens de opdracht daarop controleren.

Dat gebeurde ook, maar er werden geen andere analyses uitgevoerd, omdat dat niet in de opdracht stond. De relatief hoge concentratie aan arsenicum werd dan ook niet ontdekt en dus ook niet gerapporteerd. Omdat er geen onaanvaardbare vervuiling aanwezig was van de typen waar wel naar werd gezocht, werd het water als drinkwater geschikt bevonden.

In 1995 begonnen dorpelingen vergiftigingsverschijnselen te vertonen. Deskundigen realiseerden zich al snel dat dat door het drinkwater moest komen. Toen werd het hoge gehalte aan arsenicum in het water ontdekt. De dorpelingen waren woedend, en stelden de Britse geologen aansprakelijk. Omdat er geen voor beide partijen aanvaardbare oplossing werd gevonden, begonnen de dorpelingen een proces tegen de Geologische Dienst, wegens nalatigheid. Dat proces diende in Londen, waar David Lynn (directeur wetenschap en innovatie van de Natural Environment Research Council, waaronder de Britse Geologische Dienst valt) verklaarde dat er geen opdracht was gegeven om naar stoffen zoals arsenicum te zoeken, en dat er destijds ook geen enkele aanleiding was om aan te nemen dat ter plaatse arsenicum of andere giftige stoffen in het water zouden voorkomen. De rechtbank was het daarmee kennelijk eens, want besloot tot vrijspraak.

Daarmee is het gevaar voor de Geologische Dienst en de betrokken geologen echter nog niet geheel geweken, want de advocaten van de dorpelingen overwegen om in hoger beroep te gaan. Zo is arsenicum voor geologen een stof met reŽle risicoís.

Referenties:
  • Anonymus, 2004. UK geologists cleared over arsenic poisening. Nature 428, p. 9.

Foto: Carnegie-Mellon Institute.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl