NGV-Geonieuws 4 artikel 50

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Augustus 1999, jaargang 1 nr. 4 artikel 50

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 4! Op de huidige pagina is alleen artikel 50 te lezen.

<< Vorig artikel: 49 | Volgend artikel: 51 >>

50 Een fossiele verwant van voorouder van alle zoogdieren
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Ongeveer 400 km ten noordoosten van Beijing is het complete skelet gevonden van een dier dat, op basis van zijn diverse kenmerken, kan worden beschouwd als direct verwant met de voorouder van alle thans levende zoogdieren. Het gaat bij de nieuwe vondst niet om de voorloper van alle zoogdieren, want de oudst bekende zoogdierresten zijn zo’n 200 miljoen jaar oud. Van die eerste zoogdieren is niet veel bekend: ze waren klein, hadden nog veel gelijkenis met reptielen, maar beschikten waarschijnlijk wel over een vacht; de vrouwtjes hadden ook toen waarschijnlijk al melkklieren.

De kenmerken van het nu gevonden skelet, dat ongeveer dezelfde grootte heeft als dat van een hedendaagse rat, maken de vondst opmerkelijk volgens een aantal Amerikaanse paleontologen die het inmiddels hebben gezien. Tim Rowe (Universiteit van Texas) noemt het een bizar schepsel, vergelijkbaar met de mythologische chimaera (een schepsel met een leeuwenkop, het lichaam van een geit, en een slangenstaart). Het liep kennelijk op voorpoten als van een zoogdier (met voorwaarts gerichte ellebogen) maar tegelijk op de naar buiten gebogen achterpoten van een reptiel. De tanden zijn die van de triconodonten, een groep raadselachtige vroege zoogdieren die 150-80 miljoen jaar geleden leefden, maar waarvan nauwelijks iets meer bekend is dan enkele fossiele tanden.

De kenmerken van het nu gevonden fossiele zoogdier, dat Jeholodens jenkinsi is gedoopt, wijzen erop dat het dier nauw verwant moet zijn geweest aan de gezamenlijke voorouder van alle nu nog levende zoogdieren. Het dier behoorde waarschijnlijk tot een tak die zich net van de oudere zoogdieren had afgesplitst voordat zich de takken afsplitsten waartoe de thans nog levende zoogdieren behoren. De verschillen tussen de voor- en achterpoten roepen een paar complexe vragen op met betrekking tot de evolutie van zoogdieren. Zijn bijvoorbeeld de schouders en voorpoten van de huidige zoogdieren, die grote gelijkenis vertonen met die van Jeholodens maar ook met de triconodonten, in twee of meer afgesplitste takken van zoogdieren in gelijke zin geëvolueerd, of zijn ze al eerder in de evolutie van de zoogdieren ontstaan? Maar waarom zijn ze in het laatste geval dan bij sommige groepen weer 'teruggeëvolueerd'? Een andere vraag is waarom de overgang van reptielachtig naar zoogdierachtig kennelijk zoveel eerdere optrad bij de voorpoten dan bij de achterpoten.

Referenties:
  • Qiang, J., Zhexi, L. & Shu-an, J., 1999. A Chinese triconodont mammal and mosaic evolution of the mammalian skeleton. Nature 398, p. 326-330.
  • Rowe, T., 1999. At the roots of the mammalian family tree. Nature 398, p. 283-284.
  • Zimmer, C., 1999. Fossil offers a glimpse into mammals’ past. Science 283, p. 1989-1990.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Fossiele rat blijkt nauw verwant aan zoogdiervoorouder' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap & Onderwijs' van NRC Handelsblad (3 april 1999).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl