NGV-Geonieuws 80 artikel 501

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 November 2004, jaargang 6 nr. 21 artikel 501

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 80! Op de huidige pagina is alleen artikel 501 te lezen.

<< Vorig artikel: 500 | Volgend artikel: 502 >>

501 Dinograf wijst op zorgzame ouders
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Opnieuw heeft de Yixian-Formatie (Vroeg-Krijt) in de Chinese provincie Liaoning een spectaculaire vondst opgeleverd. Het gaat om wat op het eerste gezicht een massagraf lijkt, met in totaal 35 fossiele dinosauriŽrs. Het bijzondere is echter dat het gaat om 1 volwassen exemplaar en 34 jongen, alle van het geslacht Psittacosaurus, en alle bijeen op een ruimte van ongeveer een halve vierkante meter (van het volwassen exemplaar is veel door erosie verdwenen). Deze grote concentratie op zoín kleine oppervlakte geeft aan dat het bij de jongen om zeer jonge exemplaren moet gaan. Het gaat dan ook om exemplaren die allemaal weliswaar al enige tijd tevoren uit het ei waren gekropen (al zijn hun botten al goed gevormd), maar die toch nog niet groot genoeg waren om de wijde wereld in te trekken.


Graf van het volwassen exemplaar vanPsittacosaurus met daaromheen de 34 jongen

In de Yixian-Formatie zijn aangetroffen fossielen, zoals de gevederde dinosauriŽr Sinosauropteryx, gewoonlijk sterk 'afgeplat' door het gewicht van de bovenliggende lagen. In het geval van de nu gevonden exemplaren van Psittacosaurus is dat echter niet zo: de fossielen en hun directe omgeving vertonen nog de oorspronkelijke 3-dimensionale structuur. Dat levert een interessant beeld op, want het blijkt dat de jongen in een ruwweg cirkelvormig gebied liggen dat in het midden iets dieper is aan de zijkanten. Dat kan moeilijk anders worden geÔnterpreteerd dan als een nest (nesten van ornithischiŽrs, de groep waartoe Psittacosaurus behoort, zijn goed bekend, mede door de talrijke vondsten van dergelijke nesten met eieren). Enkele nieuwsgierige jongen steken hun kop over de rand van het nest. Het volwassen exemplaar is gedeeltelijk door (recente) erosie verdwenen. Dat geldt ook voor enkele botfragmenten van sommige jongen. Verder is de verzameling skeletten echter opvallend compleet. Ook opvallend is dat de jongen geen van alle op hun zij liggen, maar met de rug naar boven en hun poten iets opzij, alsof ze staande een graf vonden; uit de restanten van het volwassen exemplaar kan worden opgemaakt dat het zoín zelfde positie had. Merkwaardig is ook dat de jongen geen van alle over elkaar liggen, maar dat enkele kennelijk tegen het volwassen exemplaar op stonden. De omstandigheden waaronder de fossilisatie plaats vond, waren dus bijzonder.

De sleutel voor de oplossing van dit raadsel wordt gevormd door de aard van de sedimenten waarin de dieren zijn begraven. Het onderste deel van de Yixian-Formatie waarin het graf is gevonden, bestaat voornamelijk uit dungelaagde meerafzettingen die af en toe worden onderbroken door laagjes vulkanische as. Het nest ligt in een pakket mudstones waarin de sporen van wortels zijn te vinden; het ging kennelijk om een locatie vlak naast een meer. De karakteristieken van de bodem wijzen op een wat zure bodem die zich heeft ontwikkeld in sediment dat deels uit vulkanisch materiaal bestaat.

Het beeld wijst erop dat de dieren snel zijn begraven, terwijl ze nog leefden. De afwezigheid van vulkanisch glas lijkt begraving onder as uit te sluiten. De onderzoekers denken eerder aan een plotselinge bedekking door een massa sediment. Het zou kunnen zijn dat het nest overstroomde en met meegevoerde modder werd bedekt, het zou ook kunnen zijn dat het nest in een hol lag dat deels instortte. In ieder geval lijkt het erop dat de jongen geprobeerd hebben zo lang mogelijk te overleven door staand hun kop zo hoog mogelijk op te heffen. Pogingen om uit het nest te klauteren waren kennelijk nog te veel gevraagd.

Het volwassen exemplaar had waarschijnlijk aan begraving kunnen ontkomen, maar koos er kennelijk voor om bij de jongen te blijven. Dat wijst op een zorgzame ouder.die niet alleen voor pas uit het ei gekropen jongen zorgde, maar ook voor jongen die al wat ouder waren. Het is de eerste directe aanwijzing voor zulke ouderzorg bij dinosauriŽrs. Verrassend is dat overigens niet, want er waren al wel indirecte aanwijzingen. Bij dinosauriŽrs zou dus de nestzorg (hulp bij het uitkomen uit het ei, bescherming tegen roofdieren, verschaffen van voedsel, warmte en beschutting) al aanwezig zijn geweest die nu zo duidelijk voorkomt bij krokodillen en vogels, die als hun afstammelingen kunnen worden beschouwd.

Referenties:
  • Meng, Q., Liu, J., Varrichio, D.J., Huang, T. & Gao, C., 2004. Parental care in an ornithischian dinosaur. Nature 431, p. 145.

Foto van Liu Jinyuan (Dalian Natural History Museum, Dalian, China) welwillend ter beschikking gesteld via David Varricchio, Department of Earth Sciences, Montana State University, Bozeman, MT (Verenigde Staten van Amerika).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl