NGV-Geonieuws 81 artikel 506

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 November 2004, jaargang 6 nr. 22 artikel 506

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 81! Op de huidige pagina is alleen artikel 506 te lezen.

<< Vorig artikel: 505 | Volgend artikel: 507 >>

506 Vroege vogel had veren op zijn poten
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Van de oudst bekende vogel, Archaeopteryx, wordt door sommige onderzoekers aangenomen dat hij ook veren had op zijn poten. Anderen zijn daar niet echt van overtuigd, en schrijven die interpretatie toe als het gevolg van 'wishful thinking': er is namelijk ook een sauriŽr bekend (Microraptor) die glijvluchten kon maken en waarvan vaststaat dat die niet alleen vleugels met veren had, maar ook veerachtige structuren op zijn achterpoten. Nu is er bij Jingangshan - haast vanzelfsprekend in de Yixian-Formatie in de Chinese provincie Liaoning - het fossiel gevonden van een 'vroege vogel' (Vroeg-Krijt) waarvan het onderlijf en de achterpoten in groot detail zijn gefossiliseerd, en waarvan beide achterpoten duidelijk (op het bovenste deel) veren dragen.


Veren op de achterpoten van de nieuw ontdekte fossiele vogel

De 'veerpotige' vogel die nu is gevonden - en die nog geen wetenschappelijke naam heeft gekregen - wordt door de onderzoekers van belang geacht, omdat onderzoek van de veren nader inzicht kan verschaffen in de aŽrodynamische rol die veren bij vroege vogels speelden, en in het mogelijke vermogen om 'bij te sturen' (de MesozoÔsche vogels missen de lange staartveren die bij moderne vogels een belangrijke rol spelen bij het sturen). Het is in dit kader interessant dat er veel aanhangers zijn van de theorie dat de vroegste vogels allemaal vier ledematen met veren hadden, en dat de veren op de achterpoten geleidelijk verdwenen toen de vleugels - en de veren daarop - voldoende vliegvermogen en stuurmanskunst mogelijk maakten.

De veren op de poten van het nu gevonden exemplaar zouden volgens deze hypothese dus een soort overblijfsel zijn (zoals bij mensen het staartbeen het overblijfsel is van de staart van onze verre voorouders). De veren op de poten van de nieuw-ontdekte vogel zijn relatief lang (ongeveer de halve lengte van de bovenpoot), zoals dat ook het geval was bij Microraptor. Ze zijn gebogen en bevinden zich aan de buitenzijde van de poten wat op een (residuaire) aŽrodynamische functie wijst. Bij Archaeopteryx moeten de veren op de poten (als hij die al had) die aŽrodynamische functie al geheel hebben verloren. De nieuwe vogel heeft dus oude evolutionaire kenmerken relatief lang bewaard.

Het vliegvermogen van de nieuwe vogel lijkt, evenals bij andere vroege vogels zoals Confuciusornis, Changchengornis, Protopoteryx en Yixianornis, onloochenbaar, al was het zeker niet zo goed ontwikkeld als bij recente vogels.

Referenties:
  • Zhang, F. & Zhou, Z., 2004. Leg feathers in an Early Cretaceous bird. Nature 431, p. 925

Foto welwillend ter beschikking gesteld door Fucheng Zhang, Institute of Vertebrate Paleontology and Paleoanthropology. Academy of Sciences, Beijing (Volksrepubliek China).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl