NGV-Geonieuws 81 artikel 509

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 November 2004, jaargang 6 nr. 22 artikel 509

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 81! Op de huidige pagina is alleen artikel 509 te lezen.

<< Vorig artikel: 508 | Volgend artikel: 510 >>

509 Strijd om behoud van oudste Palaeozoïsche fauna
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De gecompliceerde levensvormen die we nu kennen stammen alle af van organismen die ontstonden tijdens de zogeheten 'Cambrische explosie', ca. 540 miljoen jaar geleden. De meercellige organismen die, met vaak fantastische vormen, daarvoor leefden (het meest karakteristiek is de Ediacara-fauna), lijken alle een op die grens doodgelopen evolutionaire tak te vertegenwoordigen. Voor het begrip van de huidige levensvormen zijn daarom de oudste Paleozoïsche fauna’s van grote betekenis. Van die oudste fauna’s is die uit de Chengjang-Formatie in de provincie Yunnan (zuidwest China) waarschijnlijk wel de meest belangwekkende (er zijn geen oudere rijke vindplaatsen van deze nieuwe levensvormen). Voor hun behoud moet nu echter een felle strijd worden gevoerd, die overigens al enkele eerste successen heeft opgeleverd.


Yunnanozoon lividum, de oudst bekende vertegenwoordiger van de chordata


Fosfaatmijnbouw in de Chengjang-Formatie


De Chengjang-Formatie is ongeveer 530 miljoen jaar oud en bestaat uit sedimenten die in een uitgestrekte, ondiepe zee werden afgezet. Het pakket komt over grote afstanden aan het aardoppervlak voor en beslaat ca. 10.000 km2. Dat lijkt waarborgen genoeg te bieden voor een langdurig ongestoord paleontologisch onderzoek, maar helaas bevat de formatie ook veel fosfaaterts. Dat werd in 1984 vastgesteld, ongeveer tegelijkertijd met de eerste vondsten van de Vroeg-Cambrische fauna. Terwijl de wetenschap zich vol overgave stortte op het verzamelen en onderzoeken van de fossielen, werden elders door de autoriteiten vergunningen afgegeven voor grootschalige afgravingen van de fosfaatertsen.

Dat zou allemaal nog niet zo erg zijn als beide activiteiten ruimtelijk gescheiden van elkaar zouden kunnen opereren. Maar de fossiele fauna’s komen niet overal voor, en zeker niet wat betreft de meest interessante vindplaatsen. Daarvan zijn er nog (?) slechts enkele. De beroemdste is de Maotian-berg, en die ligt in een gebied waarvoor een mijnvergunning was afgegeven. Hoewel Yunnan een van de armste provincies is en de fosfaatmijnbouw dus van groot belang, hebben de autoriteiten inmiddels gevolg gegeven aan de wetenschappelijke oproep om althans deze vindplaats deels (18 km2) te sparen. Er is daartoe een soort geologisch reservaat van gemaakt, maar de mijnbouw dreigt door te gaan tot aan de grenzen van het beschermde gebied (zo niet verder), zodat dit 'reservaat' middenin een troosteloos landschap van afgegraven ertsen komt te liggen. Daarom worden nu ook pogingen gedaan om de mijnbouw verder buiten het reservaat te doen stoppen.

Inmiddels zijn ook voorstellen gedaan om andere vindplaatsen te redden. De autoriteiten blijken niet onwillig, maar probleem is uiteraard dat de verleende vergunningen aan de mijnbouwmaatschappijen moeten worden afgekocht, en daarvoor is onvoldoende geld beschikbaar. Er wordt nu gezocht naar financiële middelen, onder meer bij UNESCO. In sommige gebieden zijn de autoriteiten overigens minder welwillend dan in andere om de mijnbouw in te perken. Een motief om mee te helpen zou kunnen zijn dat goede vindplaatsen in een niet geheel verwoest gebied zelf een financieringsbron zouden kunnen gaan vormen via 'wetenschappelijk toerisme'.

Te hopen valt dat er op korte termijn duidelijke stappen worden genomen. Het wetenschappelijk belang staat buiten kijf. Zo is een van de eerste vondsten een ongewerveld diertje geweest (Yunnanozoon), dat de oudste vertegenwoordiger van de Chordata is, de groep waaruit later de gewervelde dieren zijn voortgekomen. Dat heeft destijds veel publiciteit gekregen. Maar wetenschappelijk gezien zijn er sindsdien nog tal van vondsten gedaan die minstens zo belangrijk zijn voor ons inzicht in de evolutie van het leven zoals we dat nu kennen.

Referenties:
  • Normile, D. & Lei, X., 2004. China clamps down on mining to preserve Cambrian site. Science 305, p. 1893-1894


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl