NGV-Geonieuws 84 artikel 521

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Januari 2005, jaargang 7 nr. 1 artikel 521

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 84! Op de huidige pagina is alleen artikel 521 te lezen.

<< Vorig artikel: 520 | Volgend artikel: 522 >>

521 Arthropoden gefossiliseerd door versteende aasetende bacteriŽn
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Dieren zonder harde bestanddelen worden slechts zelden gefossiliseerd: ze worden verslonden door andere dieren of ze rotten weg onder de invloed van microorganismen. Toch komen er dergelijke fossielen voor. Hoe ze kunnen fossiliseren is nu duidelijk, door onderzoek van kleine fossiele arthropoden uit Antarctica, die - net als hun huidige nazaten - geen harde kalkschaal hadden maar slechts een (waarschijnlijk vrij zacht) pantser van chitine. Chitine is de stof waaruit ook bijv. onze nagels zijn opgebouwd; het valt uiteen lang voordat een normaal fossilisatieproces begint.


De Carapace Nunatak op Antartica (South Victoria Land) waar de Kirkpatrick Basalt is ontsloten


Arthropoden (grootste meet 1 cm) uit meerafzettingen tussen de Kirkpatrick Basalt


De op Antarctica verzamelde fossiele 180 miljoen jaar oude arthropoden (van de soort Lioestheria disgregaris) werden met een scanning electron microscoop (SEM) onderzocht. Daarbij bleek dat de uitwendige vorm van deze fossielen bewaard was gebleven door een bedekking van miljoenen bolvormige bacteriŽn, die zelf versteend (gesilicificeerd) waren. Dat deze merkwaardige vorm van fossilisatie werd ontdekt, is overigens niet alleen maar toeval: Babcock en zijn medewerkers hielden zich allang bezig met onderzoek naar de fossilisatieomstandigheden van dieren zonder harde schaal of skelet. Daarbij was hun al eerder opgevallen dat dergelijke fossielen vrijwel uitsluitend worden aangetroffen in gesteenten die in een uiterst ongewoon milieu zijn afgezet.


Sem opname van bacteriŽn en schimmels die een soort coating vormen van een (alleen zo in vorm bewaarde) arthropode

Dat was ook hier het geval. Het gesteente waarin de arthropoden werden aangetroffen, moet zijn gevormd in een warmwaterplas. Het water moet ca. 20-30 įC warm zijn geweest; op zichzelf niet zo uitzonderlijk, maar deze plas (of dit meertje) maakte deel uit van een aantal soortgelijke watermassaís in een vulkanisch gebied; sommige meertjes moeten temperaturen van 80-100 įC hebben gehad. Daarin konden alleen extreme levensvormen overleven, en die werden ook inderdaad aangetroffen: Archaeobacteria (fossiel zeldzaam, en de oudste die ooit op Antarctica zijn gevonden). Het hele gebied was bepaald levenonvriendelijk, en de arthropoden in hun koelere water hadden geen natuurlijke vijanden; ze stierven van ouderdom. Daarop begonnen bacteriŽn (Eubacteria, die ook nu nog voorkomen) met hun feestmaal. Waarschijnlijk werd toen de plas ingesloten en uiteindelijk afgedekt door een lavapakket. De bacteriŽn, die de arthropoden volledig bedekten, verkiezelden daarbij.

Volgens Babcock kan het feit dat fossielen van dieren met uitsluitend relatief zachte delen bijna altijd worden gevonden in extreme afzettingen, erop wijzen dat ze - net als de nu gevonden arthropoden - geen natuurlijke vijanden hadden, een natuurlijke dood stierven, en vervolgens dienden als maaltijd voor bacteriŽn. Of die ook in andere gevallen verantwoordelijk zijn voor de behouden vorm van die 'zachte' fossielen, moet overigens nog worden onderzocht.

Referenties:
  • Babcock, L.E., Rode, A.L., Leslie, S.A., Ford, L.A., Polak, K. & Becker, L., 2004. Microbially mediated precipitation of carbonates and exceptional preservation of fossils in the Kirkpatrick Basalt (Jurassic) of Antarctica. Abstracts 2004 Denver Annual Meeting Geological Society of America (session 204: Biomineralization in terrestrial hot springs: the preservation of thermophiles in past and present-day systems) 204-13, 1 blz.

Fotoís welwillend ter beschikking gesteld door Loren Babcock, Department of Geological Sciences, Ohio State University, Columbus, OH (Verenigde Staten van Amerika).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl