NGV-Geonieuws 85 artikel 526

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Januari 2005, jaargang 7 nr. 2 artikel 526

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 85! Op de huidige pagina is alleen artikel 526 te lezen.

<< Vorig artikel: 525 | Volgend artikel: 527 >>

526 Fresco’s uit Bronstijd tonen tafoni
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Archeologie ! Klik hier voor alle artikelen over Geomorfologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Tafoni (enkelvoud: tafone) zijn verweringsverschijnselen in de vorm van uithollingen van gesteenten, die daardoor soms de vorm krijgen van een brekende golf. Ze komen relatief veel voor rondom de Middellandse Zee. Hun ontstaan is nog niet helemaal duidelijk (er is zelfs niet bekend of menselijke activiteiten hun vorming bevorderen of belemmeren), maar hun vaak spectaculaire vorm heeft al vroeg de aandacht van de lokale bevolking getrokken. Dat blijkt ondermeer uit archeologische vondsten, in de vorm van tekeningen.


Reusachtige Tafone op het Griekse eiland Tinos

Tot de meest opvallende vondsten behoren fresco’s die werden aangetroffen in de prehistorische nederzetting Akrotiri, op het Griekse eiland Thera, een van de overblijfselen van het veel grotere eiland dat ooit werd gevormd door de vulkaan Santorini. In een van de kamers (aangeduid als delta-2:Δ-2) in de nederzetting zijn fresco’s aangetroffen waarvan er een bekend staat als het 'Fresco met de lelies' of het 'Voorjaarsfresco'. Deze fresco’s dateren uit het tweede millennium voor Christus, wat hen plaatst in de Bronstijd. Dit fresco toont een rotsachtig landschap waarin tafoni te zien zijn in diverse stadia van ontwikkeling. Het gaat waarschijnlijk om de oudste afbeelding ter wereld van dit verweringsverschijnsel.


Het fresco in kamer Δ-2 van Acrotiri, met afbeeldingen van Tafoni

De goede conservering van het fresco is te danken aan zijn langdurige bedekking onder een dikke puimsteenlaag. Die puimsteenlaag werd gevormd tijdens de catastrofale uitbarsting (in 1628 of 1627 v.Chr.) van de vulkaan die een eiland vormde waarvan Thera nu nog een overblijfsel is (met deze uitbarsting hangen de bijbelse zeven plagen van Egypte waarschijnlijk samen, en ook de ondergang van de Minoïsche beschaving op Kreta wordt hieraan wel toegeschreven). Akrotiri werd in 1967 ontdekt door de archeoloog Marinatos en is sindsdien het centrum van veel onderzoek, onder meer op geochronologisch gebied.

Het fresco in kamer Δ-2 toont onder meer zeven zwaluwen, die tussen rode lelies in een rotsachtig landschap vliegen. Er zijn inmiddels al biologische studies aan verricht, maar er was nog geen eerder geomorfologisch onderzoek aan gedaan. Omdat zowel de zwaluwen als de lelies redelijk natuurgetrouw zijn geschilderd (al lijken de lelies meer op een rode - onbekende - variant van de in Griekenland voorkomende witte lelie, Lilium candidum, dan op de enige rode lelie die nu uit Griekenland bekend is, Lilium chalcedonicum), mag worden aangenomen dat dat ook voor het landschap geldt. De schilders hebben dus in het landschap al verschillende stadia van tafoni-ontwikkeling onderkend. Dat dergelijke goedontwikkelde tafoni destijds al voorkwamen (toen van enige bevolkingsdruk nog geen sprake was), lijkt erop te wijzen dat menselijke activiteit geen wezenlijke invloed uitoefent op de ontwikkeling van tafoni. Daarmee hebben de schilders uit de Bronstijd een huidig geomorfologisch vraagstuk opgelost.

Referenties:
  • Hejl, E., 2005. A pictorial study of tafoni development from the 2nd millennium BC. Geomorphology 64, p. 87-95.

Foto's welwillend ter beschikking gesteld door Ewald Hejl, Institut für Geologie und Paläontologie, Universität Salzburg, Salzburg (Oostenrijk).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl