NGV-Geonieuws 86 artikel 535

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Februari 2005, jaargang 7 nr. 3 artikel 535

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 86! Op de huidige pagina is alleen artikel 535 te lezen.

<< Vorig artikel: 534 | Volgend artikel: 536 >>

535 PterosauriŽrs legden leerachtige eieren
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

In de fameuze Xixian Formatie is, bij Jingangshan in de provincie Liaoning (China), een tweede ei gevonden dat afkomstig moet zijn van een pterosauriŽr. Dit tweede ei, dat ongeveer 121 miljoen jaar oud is (Vroeg-Krijt), maakt veel meer duidelijker dan de eerdere vondst. Dat komt doordat niet alleen de botten van het embryo goed bewaard zijn gebleven, maar ook tal van zachte weefsels. Daarnaast levert deze vondst veel informatie op over de karakteristieken van het ei zelf.


Ei met embryo

Het ei is met zijn lengte van 63,7 mm iets langer dan het eerder gevonden exemplaar, en met zijn breedte van 36,4 mm iets smaller. Mede op basis van het feit dat ook de botten van de embryoís in beide eieren iets verschillen, nemen de onderzoekers daarom aan dat het gaat om verschillende vertegenwoordigers van de groep van pterosauriŽrs.


Detail van de dunne, zachte eiwand zonder gelaagdheid

Het fijnkorrelige materiaal (de matrix) binnenin het ei is geelbruin, terwijl het skelet van het embryo grijsbruin is. De eischaal zelf is bruin tot donkerbruin, en steekt duidelijk af tegen de matrix die het ei omgeeft. De eischaal is opvallend dun (0,25 mm), en vertoont geen laagjes (laminatie). Opvallend is dat in de eischaal noch de binnenlaag aanwezig is die karakteristiek is voor de harde eischalen van dinosauriŽrs, noch de buitenste laag die bij dino-eieren is opgebouwd uit uitgekristalliseerd calcitisch materiaal.

De onderzoekers sluiten uit dat het ei oorspronkelijk wel een calcietlaagje bevatte, want in dezelfde schalie waarin het ei werd aangetroffen komen ook de kalkige schelpen van mollusken voor; die vertonen geen tekenen van oplossing. Volgens de onderzoekers wijst alles erop dat het ei een zachte, leerachtige schaal had, vergelijkbaar met die van krokodillen en schildpadden.

Het ei is gevonden in horizontaal gelaagde grijze meerafzettingen, waarin ook zoetwaterfossielen zoals vissen, schildpadden, insectenlarven, ostracoden, gastropoden, hagedissen en zoetwaterplanten zijn aangetroffen. Deze fossielen en de sedimentaire kenmerken wijzen erop dat het ging om een meer met rustig water. Het ei is echter zeker niet in dit water gelegd, maar moet daar na het leggen op de een of andere wijze in terecht zijn gekomen. Waarschijnlijk is het weggerold uit een nest aan de oever van het meer, op een strand of een modderige vlakte.

Referenties:
  • Ji, Q., Ji, S.-A., Cheng, Y.-N., You, H.-L., LŁ, J.-C., Liu, Y.-Q. & Yuan, C.-X., 2004. Pterosaur egg with a leathery shell. Nature 432, p. 572.

Foto welwillend ter beschikking gesteld door Ji Qiang, Department of Earth Sciences, Nbanjing University, Nanjing (Volksrepubliek China).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl