NGV-Geonieuws 89 artikel 549

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Maart 2005, jaargang 7 nr. 6 artikel 549

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 89! Op de huidige pagina is alleen artikel 549 te lezen.

<< Vorig artikel: 548 | Volgend artikel: 550 >>

549 Kloof op Mars ruim 6 keer zo diep als de Grand Canyon
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Astronomie ! Klik hier voor alle artikelen over Geomorfologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De fameuze 'Marskanalen' die al eeuwen geleden met telescopen werden ontdekt, maar aan het bestaan waarvan later ook werd getwijfeld, bestaan echt. Diepe kloven zijn duidelijk bij de diverse onbemande vluchten naar Mars gefotografeerd. Naarmate er meer gegevens via dergelijke foto’s beschikbaar komen, rijzen er ook meer vragen over het ontstaan van deze op aarde ongekend grote kloven.


De Valles Marineris

Recent is veel fotomateriaal beschikbaar gekomen dankzij de Hoge-Resolutie Stereo Camera (HRSC) aan boord van de Mars Express, een ruimtevaartuig van het European Space Agency (EAS). Gedurende zijn 334e en zijn 360e omwenteling om Mars zijn met deze camera opnames gemaakt van de Valles Marineris (Dal van de Mariner). Deze kloof, die meer dan 10 km diep is (dus meer dan zesmaal zo diep als de Grand Canyon!), is vernoemd naar het eerste ruimtevoertuig - de Mariner 9 - die dit gigantische fenomeen fotografeerde (1971).

De bij deze tekst geplaatste foto is opgebouwd uit een mozaďek van foto’s die tijdens de twee genoemde omwentelingen werden gemaakt. Het totale getoonde gebied beslaat een oppervlakte van ca. 300 x 600 = 180.000 km2. Dit grote gebied kan met deze foto’s gedetailleerd worden onderzocht, vanwege de grote resolutie van de HRSC. Zo bedraagt de resolutie van de foto’s uit de 334e omwenteling ongeveer 21 m per pixel, terwijl dat voor de 360e omwenteling ca. 30 m per pixel is. Er komen door deze foto’s dus veel details aan het licht, maar die helpen tot nu toe niet om het ontstaan van deze diepe kloof te begrijpen.

Mogelijk heeft rek in de bovenste korst van Mars geleid tot de scheuren. De bergen die geďsoleerd in de kloof liggen, zouden dan wellicht blokken van de korst kunnen zijn die vanaf de hellingen naar beneden gegleden zijn. Het zou ook kunnen zijn dat er sprake is van een soort 'rift' vorming zoals bij de Oost-Afrikaanse slenk, maar dan op een veel grotere schaal. Een derde hypothese is dat er wellicht grote hoeveelheden ijs onder het oppervlak van de plateaus opgeslagen zijn geweest. Toen dat ijs smolt door hogere temperaturen (mogelijk vulkanische activiteit in de nabijgelegen vulkanische Tharsis-provincie) stroomde het smeltwater weg, waarbij onder het Mars-oppervlak ruimten achterbleven. Het instorten van de 'daken' van deze ruimten zouden zo voor een langgerekte depressie hebben gezorgd, zoals dat op aarde plaatselijk ook gebeurt waar de 'daken' van grotten in een kalksteengebied instorten.

Toen de kloof eenmaal was ontstaan, kon uiteraard aan beide zijden erosie plaatsvinden. Wind en zwaartekracht moeten daarbij nu de hoofdrol spelen, maar in het verleden kunnen ook gletsjers en stromend water hebben bijgedragen. Met de HRSC zijn afschuivingen geconstateerd over meer dan 70 km. De zo gevormde massa’s hebben een ruwe topografie. In de kloof komen echter ook afgeronde heuvels (van 1-2 km hoog) voor, waarvan het ontstaan nog een compleet raadsel is.

Referenties:
  • Anonymus, 2005. Forming the canyon on Mars. Astrobiology Magazine 2005-02-26. www.astrobio.net/news/print.php?sid=1462.

Foto European Space Agency (ESA). illustratiesuggestie: zie bijgevoegde elektronische figuur (Marineris).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl