NGV-Geonieuws 94 artikel 575

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Juni 2005, jaargang 7 nr. 11 artikel 575

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 94! Op de huidige pagina is alleen artikel 575 te lezen.

<< Vorig artikel: 574 | Volgend artikel: 576 >>

575 Tekort aan zuurstof mogelijk oorzaak van massauitsterving op grens Perm/Trias
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over (Paleo)Klimaat ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De grootste massauitsterving op aarde vond niet geheel plotseling plaats: al geruime tijd voordat er binnen korte tijd grote aantallen diersoorten uitstierven, verdwenen er al opvallend veel dieren van de aardbodem. Kennelijk werd het milieu steeds minder leefbaar. Een van de redenen daarvoor was ongetwijfeld de uitstoot van grote hoeveelheden giftige gassen bij de gigantische uitvloeiingen van basalt in Siberi. Maar dat kan nooit de enige reden zijn geweest. Daarvoor kwam de klap, vooral voor de gewervelde dieren op het land, te hard aan. Slechts weinig soorten overleefden; daartoe behoorde onder meer Lystrosaurus, een dier ter grootte van een hond dat waarschijnlijk een graver was. Hij had een opvallend brede borstkas. Bekend is dat er in het Laat-Perm een temperatuurstijging plaatsvond. Daarnaast vond echter nog een belangrijke ontwikkeling plaats: het zuurstofgehalte in de atmosfeer, dat lange tijd - tot zon 400 miljoen jaar geleden - op het huidige niveau had gelegen (ca. 20%), nam in het Midden-Perm plotseling toe tot ca. 30% om in het Laat-Perm weer dramatisch te dalen, tot slechts 15%. De combinatie van temperatuurstijging en de dramatische daling van het atmosferische zuurstofgehalte moet volgend nu uitgevoerde modelberekeningen fataal zijn geweest.


Het skelet van Lystrosaurus, een van de weinige landdieren die de grens Perm/Trias overleefden

Het zuurstofgehalte in combinatie met de temperatuur bepaalt namelijk tot welke hoogte een dier met een bepaalde capaciteit voor zuurstofopname kan leven. In het Midden-Perm hadden de gewervelde dieren op het land hun woongebieden tot op grote hoogte kunnen uitbreiden; gezien de temperatuur wel tot hoogten van 6 km (de mens kan nu niet hoger wonen dan 5,1 km). Toen het zuurstofgehalte in de atmosfeer was gedaald tot 12%, konden de dieren die eerder nog op 6 km hoogte leven nog maar tot een maximale hoogte van 300 m boven zeeniveau voldoende ademhalen. Hun leefgebied werd dus sterk ingeperkt. Maar dat gold voor (bijna) alle diersoorten. De leefbare gebieden werden dus niet alleen sterk in omvang ingeperkt, maar raakten ook overvol. Bovendien leidde het wegvallen van eerder bewoonbare gebieden tot een versnippering van de nog wel bewoonbare plekken. Een dergelijke versnippering leidt op termijn altijd tot het verdwijnen van soorten.


Reconstructie van Lystrosaurus, een dier ter grootte van een hond

De theorie is vooralsnog niet te testen. Het feit dat Lystrosaurus met zijn brede borstkas - een kenmerk van dieren die een diepe ademhaling hebben - de P/T-grens wist te overleven, is echter wel een aanwijzing dat de theorie juist kan zijn. Gericht onderzoek op dit punt van andere vertebraten die de grens overleefden, zal wellicht uitsluitsel kunnen bieden.

Referenties:
  • Huey, R.B & Ward, P.D., 2005. Hypoxia, global warming and terrestrial Late Permian extinctions. Science 308, p. 398-401.
  • Kerr, R.A., 2005. Gasping for air in Permian hard times. Science 308, p. 337.


Copyright NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl