NGV-Geonieuws 1 artikel 6

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Januari 1999, jaargang 1 nr. 1 artikel 6

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 1! Op de huidige pagina is alleen artikel 6 te lezen.

<< Vorig artikel: 5 | Volgend artikel: 7 >>

6 Prof. Dr. A. Brouwer geŽerd
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

    Klik hier om dit artikel af te drukken !

Op 15 oktober 1998 vond in het Nationaal Natuurhistorisch Museum 'Naturalis' te Leiden een bijeenkomst plaats van het Koninklijk Nederlands Geologisch Mijnbouwkundig Genootschap (KNGMG). Een van de hoogtepunten was de uitreiking aan Prof. Brouwer van de Van Waterschoot van der Gracht penning, het meest prestigieuze van het KNGMG.

Prof. Brouwer heeft, na afronding van zijn studie geologie te Leiden en Groningen, een grote variŽteit van activiteiten ontplooid. Zijn studie verliep overigens reeds op ongewone wijze, want na zijn vertrek in 1941 naar Groningen (waar hij assistent van Prof. Kuenen werd) moest hij al betrekkelijk spoedig 'onderduiken' bij het Geologisch Bureau te Heerlen. Prof. Van Waterschoot van der Gracht had namelijk, samen met de toenmalige Bataafse Petroleum Maatschappij en de Staatsmijnen voor elkaar gekregen dat afgestudeerde geologen die daar onderzoek verrichtten niet voor de 'Arbeitseinsatz' van de Duitse bezetter in aanmerking kwamen.

Na de oorlog keerde Brouwer naar Leiden terug. Hij werd daar (van 1946 tot 1953) conservator bij het toenmalige Rijksmuseum voor Geologie en Mineralogie. In 1953 werd hij benoemd tot gewoon hoogleraar in de historische geologie, stratigrafie en paleontologie. Tijdens zijn hoogleraarschap werd hij geconfronteerd met de door de overheid opgelegde herstructurering van de universitaire opleidingen in de aardwetenschappen, waarbij hij zich fel verzette tegen ontwikkelingen die naar zijn (achteraf gezien zeer terechte) mening de kwaliteit van de opleiding zouden aantasten. Ook tegen de schendingen van de afspraken die met het bestuur van de Leidse Universiteit waren gemaakt, verzette hij zich hevig, maar - bij gebrek aan steun vanuit de faculteit - tevergeefs.

Prof. Brouwer verrichte onderzoek op diverse terreinen, waarbij zijn werk in het Kwartair en het Devoon het meest de aandacht trok. Zijn 'Devoon-project' in het Cantabrisch Gebergte, dat tot talrijke proefschriften leidde, oogstte wereldwijd veel erkenning. Het was echter niet alleen de wetenschappelijke verslaglegging die Prof. Brouwer aantrok. Op tal van manieren probeerde hij de niet-geologische gemeenschap in ons land te betrekken bij zijn voorliefde voor de geologie. Hij deed dat in tal van lezingen voor uiteenlopende gezelschappen, maar ook in de vorm van bijdragen in bladen voor een breder publiek. Zo heeft hij lange tijd artikelen over nieuwe ontwikkelingen of vondsten geschreven in de wetenschapsbijlage van NRC Handelsblad. Hij moest dat uiteindelijk opgeven toen zijn gezichtsvermogen zo achteruit was gegaan dat lezen en schrijven nauwelijks meer mogelijk was.

Ondanks deze handicap blijft Prof. Brouwer, zoals hij in een dankwoord na de aanvaarding van de onderscheiding meldde, nog steeds actief. Zo is hij een project gestart om het proefschrift van Wijnand Carel Hugo Staring - de vader van de Nederlandse geologie - uit het Latijn in het Nederlands te laten vertalen. Het kenmerkt de werklust en de creativiteit van Prof. Brouwer dat juist hij, op zijn gevorderde leeftijd, het initiatief neemt tot een dergelijk project dat direct door de aanwezigen werd omarmd.

Het is moeilijk voor te stellen hoe de Nederlandse samenleving er zou hebben uitgezien wanneer alle Nederlandse aardwetenschappers evenveel voor hun vak zouden hebben gedaan (ook - en juist - bij de niet-vakgenoten) als Prof. Brouwer. Iedereen zou dan nu ongetwijfeld weten dat geologie iets anders is dan archeologie en theologie, en ook zou geologie waarschijnlijk reeds lang - net als in andere landen - een normaal onderdeel van het lespakket op school zijn geweest. Strijdlust en vakbekwaamheid waren (en zijn nog steeds) de kenmerken van Prof. Brouwer. De erkenning die hij nu, eigenlijk veel te laat, vanuit de Nederlandse wetenschappelijke wereld heeft gekregen, is dan ook wel verdiend.

Referenties:
  • Geen Referenties


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl