NGV-Geonieuws 5 artikel 61

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Oktober 1999, jaargang 1 nr. 5 artikel 61

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 5! Op de huidige pagina is alleen artikel 61 te lezen.

<< Vorig artikel: 60 | Volgend artikel: 62 >>

61 Waddenzee niet bedreigd door gasboring
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over het Milieu ! Klik hier voor alle artikelen over Olie, Gas & Mijnbouw !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Volgens een rapport van de Nederlandse Aardoliemaatschappij (NAM) zal het wad geen noemenswaardige of onherstelbare schade oplopen als gevolg van de gasboringen die de NAM in de Waddenzee wil uitvoeren. Er zouden volgens de NAM namelijk waarschijnlijk nog grote voorraden gas onder het Waddengebied aanwezig zijn. De Waddenvereniging heeft direct kritiek geuit op het feit dat het rapport is geschreven door onderzoekers die in opdracht van de NAM werkten, zodat het niet objectief zou zijn. Bovendien zouden alleen maar gegevens over bodemdaling zijn gebruikt die door de NAM waren aangeleverd, en die cijfers vindt de vereniging onbetrouwbaar. De Waddenvereniging pleit daarom voor een nieuw, onafhankelijk onderzoek.

Het rapport is vooral van belang omdat het geldt als een van de belangrijkste stukken op basis waarvan het kabinet voorstellen over toekomstige gasboringen in de Wadden zal doen aan de Tweede Kamer. Die gasboringen houden het huidige kabinet, net zoals eerdere kabinetten, verdeeld: de Minister van Milieu (Pronk) is tegen en de minister van Economische Zaken (Jorritsma) is voor.

Onomstreden is dat de bodem van de Waddenzee door gasboringen zal dalen. Volgens het rapport zal die daling locaal maximaal 28 cm bedragen en omstreeks het jaar 2050 worden gerealiseerd. Het rapport stelt echter ook dat de gevolgen voor het milieu, die naar verwachting vooral in het Pinkegat tussen Ameland en Schiermonnikoog zullen optreden, niet evenredig groot zullen zijn. Juist vanwege de dalende bodem zal er namelijk vanuit de Noordzee meer zand tussen de Waddeneilanden door het waddengebied worden ingebracht, waardoor een groot deel van de bodemdaling weer teniet zal worden gedaan. Bij eb droogvallende platen, die belangrijk zijn voor veel diersoorten, zullen dan ook blijven bestaan en de hoeveelheid schelpdieren zal nauwelijks verminderen. Een achteruitgang in de vogelstand lijkt mogelijk, maar zal slechts van tijdelijke aard zijn.

Daarbij wordt verder aangetekend dat de gevolgen van een eventuele zeespiegelrijzing - al dan niet samenhangend met het broeikaseffect - veel grotere negatieve consequenties zal kunnen hebben. In dat kader stellen de onderzoekers echter ook dat zelfs die zeespiegelstijging geen schade zal veroorzaken als de stijging in de toekomst niet sneller plaats zal vinden dan momenteel.

Opvallend is dat in de discussie geheel geen plaats lijkt ingeruimd voor de natuurlijke ontwikkeling van het waddengebied. Een dergelijke kustvorm ontstaat in een periode van snelle zeespiegelrijzing, zoals die plaatsvond toen, na de laatste ijstijd, veel landijs smolt en het smeltwater uiteindelijk weer in zee terechtkwam. Stopt de zeespiegelrijzing of wordt die te langzaam, dan is een waddengebied gedoemd in een geologisch korte periode (duizend jaar?) te verdwijnen. Dat komt doordat de eilanden aan de zeezijde door golferosie worden afgebroken en aan de binnenzijde, in de luwte, aangroeien, zodat ze langzaam naar de kust toe 'wandelen'. Hoe snel dat gaat met de Nederlandse Waddeneilanden is uit geschriften heel goed bekend. Aan de andere kant bouwt de kwelder op het vasteland zich, door afzetting van klei bij (vooral) springvloed, steeds verder uit. Na verloop van tijd groeien zo de eilanden en de kust van het vasteland aan elkaar vast, waarbij het waddenkarakter dus geheel verloren gaat. Een bodemdaling in het waddengebied zou dit proces kunnen vertragen, omdat er meer sediment vanuit volle zee moet worden aangevoerd voor de totale opvulling. Zo bekeken houden gasboringen in het waddengebied het huidige karakter dus juist langer voor het nageslacht in stand.

Referenties:
  • Krantenbericht. NAM: geen schade door gasboring - volgens onderzoekers herstelt bodem van Waddenzee zich goed. Algemeen Dagblad 13-3-1999, p. 3.


Copyright NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl