NGV-Geonieuws 108 artikel 636

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Januari 2006, jaargang 8 nr. 1 artikel 636

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 108! Op de huidige pagina is alleen artikel 636 te lezen.

<< Vorig artikel: 635 | Volgend artikel: 637 >>

636 Tiende, zeer goed bewaard gebleven, exemplaar van Archaeopteryx heeft nog kenmerken van tetrapode dinosauriërs
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

In de laatste paar jaar is de evolutie van dinosauriërs naar vogels steeds duidelijker geworden, zij het vanuit één gezichtspunt: er werden steeds meer vondsten gedaan van dino’s die al bepaalde vogelkenmerken vertoonden, zoals een verenkleed. Nu is er een (tiende) fossiel gevonden van Archaeopteryx (het oudste dier dat we kennen dat onmiskenbaar tot de vogels behoort), en dit nieuwe exemplaar vertoont - meer dan zijn soortgenoten - karakteristieken van dino’s. Het wordt hierdoor voor tegenstanders van de evolutietheorie nu wel erg moeilijk om de evolutionaire overgang van dino’s naar vogels te ontkennen.


Het nieuwe (10e), uitzonderlijk goed bewaarde exemplaar van Archaeopteryx


Bij fluorescentie, opgewekt door UV-straling, komen de bewaard gebleven botfragmenten duidelijk uit


Dat dit tiende exemplaar zulke interessante nieuwe gegevens oplevert, komt vooral door zijn uitzonderlijk goede fossilisatie, waarbij resten bewaard zijn gebleven die bij eerdere exemplaren ontbraken. Niet alleen zijn de indrukken van vleugels en veren duidelijk, maar de schedel is beter bewaard dan in één van de vorige exemplaren, en de tweede teen blijkt zeer ver uitgegroeid en buigzaam, precies zoals de klauw van de dino Velociraptor. Uit de tenen blijkt verder dat Archaeopteryx waarschijnlijk het meest aangepast was aan leven op de grond, niet in bomen.

Het exemplaar, dat in de fameuze 'Plattenkalk' van Solnhofen (Zuid-Duitsland) is gevonden, komt niet in een openbaar museum terecht. Het is door onbekenden gevonden (de precieze vindplaats in Solnhofen is zelfs onbekend) en terecht gekomen in een klein privémuseum in het plaatsje Thermopolis in de Amerikaanse staat Wyoming. Dat museum maakt onderdeel uit van het Wyoming Dinosaur Center, dat in 1995 werd gesticht door Burkhard Pohl, een (rijke) voormalige veearts die al zijn leven lang geïnteresseerd is in fossielen. Hij heeft veel contacten met commerciële handelaren in fossielen (hij heeft met een Duitse partner zelf ook een commercieel bedrijf dat particulieren tegen vergoeding laat graven op een geleased stuk grond met dinoresten), en de wetenschappelijke wereld is dan ook zeer bezorgd over de toekomst van het nieuwe exemplaar, dat inmiddels de naam 'Thermopolis-exemplaar' heeft gekregen.

Hier staat tegenover dat Pohl wetenschappers altijd de gelegenheid geeft om zijn fossielen te bestuderen en te beschrijven. Dat is nu dus met het nieuwe exemplaar van Archaeopteryx gebeurd, door twee Duitse ornithologen, met Pohl als co-auteur. De diverse botfragmenten worden in het artikel gedetailleerd beschreven, evenals de conclusies die uit de kenmerken van het vrijwel compleet bewaarde fossiel kunnen worden getrokken ten aanzien van zijn verwantschap met enerzijds andere vroege vogels, anderzijds de dinosauriërs.

Referenties:
  • Mayr, G., Pohl, B. & Peters, D.S., 2005. A well-preserved Archaeopteryx speciment with therapod features. Science 310, p. 1483-1486.
  • Stokstad, E., 2005. Best Archaeopteryx fossil so far ruffles a few feathers. Science 310, p. 1418-1419.

Foto’s welwillend ter beschikking gesteld door Gerald Mayr / Forschungsinstitut Senckenberg, Frankfurt am Main (Duitsland).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl