NGV-Geonieuws 111 artikel 655

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Februari 2006, jaargang 8 nr. 4 artikel 655

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 111! Op de huidige pagina is alleen artikel 655 te lezen.

<< Vorig artikel: 654 | Volgend artikel: 656 >>

655 'Tyrannosaurus rex van de zee' was krokodil, maar ook beetje vis en beetje dino
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over (Dino)sauriers ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De angstaanjagende rover Tyrannosaurus rex blijkt een evenknie in zee te hebben gehad. Het gaat om Dakosaurus andiniensis, een dier dat in 1987 voor het eerst werd beschreven en dat in 1996 zijn officiŽle naam kreeg. Inmiddels zijn er in PatagoniŽ, in het zuiden van ArgentiniŽ, restanten van twee nieuwe exemplaren ontdekt. Eťn daarvan omvat een poot, de ander een vrijwel complete schedel. Dit materiaal stamt uit de top van het Jura en het begin van het Krijt.


Reconstructie van Dakosaurus tijdens de jacht

Uit de nu bekende fossiele resten kan nu heel wat worden opgemaakt, mede omdat er een nauwe verwant, D. maximus, uit Europa bekend is. Een van de aspecten die het eerst opvalt is dat Dakosaurus andiniensis niet alleen een aanzienlijke lengte moet hebben gehad (ruim 4 m), maar dat het ook een stevig dier moet zijn geweest. Zijn enorme tanden, die zoín 10 cm groot werden, maken duidelijk dat hij gejaagd moet hebben op grote zeedieren. Al met al komt naar voren dat het een angstaanjagende rover geweest moet zijn, die in zee net zoín schrikbewind moet hebben uitgeoefend als Tyrannosaurus rex dat deed op het land.


Onderzoekster Zulma Gasparini met de schedel van Dakosaurus

Dakosaurus was echter geen sauriŽr, maar een krokodilachtige. Maar wel een buitenbeentje, want hij week in veel opzichten af van andere mariene krokodillen uit zijn tijd. Die waren namelijk alle niet alleen kleiner en veel minder robuust gebouwd, maar hadden ook alle (voor zover bekend) een lange snuit en aardachtige tanden, waaruit valt op te maken dat ze vooral leefden van kleine vissen en van schelpdieren. Dakosaurus had daarentegen een stompe snuit met zaagvormige tanden. In dat opzicht leek hij dus veel meer op talrijke dinosauriŽrs uit zijn tijd dan op een krokodil.

Zijn schedelvorm en zijn tanden waren echter niet het enige opmerkelijke aan hem. Zo blijkt uit de gevonden poot dat die uiterlijk meer moet hebben weg had van een vin dan van een poot zoals we die van krokodillen kennen. Al met al wijzen deze kenmerken erop dat het gaat om een dier dat talrijke kenmerken in zich verenigde die hem een uitermate goed aan het mariene milieu aangepaste jager maakten.


De schedel van Dakosaurus

Toch is niet geheel duidelijk hoe Dakosaurus andiniensis zijn prooi ving en naar binnen werkte. De vorm van de schedel wijst erop dat hij, in tegenstelling tot de moderne krokodillen (die alle een veel plattere schedel hebben), waarschijnlijk niet zijn prooi in het water greep en dan ronddraaide in het water. Bij dat ronddraaien worden zulke grote krachten uitgeoefend dat de prooi daardoor gewoonlijk bezwijkt. Diezelfde grote krachten vereisen echter ook een extreem stevige bouw van de schedel op een wijze die hem bestand maakt tegen sterke torsie. De platte schedel van de huidige krokodillen is in dat opzicht veel uitgekiender dan de schedel van Dakosaurus. Daar staat dan weer tegenover dat de grotere hoogte van de schedel van Dakosaurus grotere (en sterkere) verticale spieren mogelijk maakte om de bek te sluiten. Dat zou er op kunnen wijzen dat hij zijn prooi, wellicht aan het wateroppervlak, op en neer sloeg om hem zo te doden. Ook de Komodo-varaan gebruikt deze techniek, en dat merkwaardige dier heeft een schedel waarvan de bouw in veelopzichten overeenkomt met die van Dakosaurus.

Referenties:
  • Clark, J.M., 2006. A different kind of croc. Science 311, p. 43-44.
  • Gasparini, Z., Pol., D. & Spalletti, L.A., 2006. An unusual marine crocodyliform from the Jurassic-Cretaceous boundary of Patagonia. Science 311, p. 70-72.

Foto van de schedel: Ohio State University, Columbus, OH (Verenigde Statren van Amerika); foto Gasparini: Museo de la Plata, La Plata (ArgentiniŽ); reconstructie: National Geographic.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl