NGV-Geonieuws 116 artikel 676

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Mei 2006, jaargang 8 nr. 9 artikel 676

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 116! Op de huidige pagina is alleen artikel 676 te lezen.

<< Vorig artikel: 675 | Volgend artikel: 677 >>

676 Enorme vloedgolf in Grand Canyon na doorbreken van lavadam
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Sedimentologie ! Klik hier voor alle artikelen over Vulkanologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Tussen 630.000 en 100.000 jaar geleden werd de Colorada Rivier in het westelijke deel van de Grand Canyon minstens 13 maal afgedamd doordat basaltische lavastromen zich in de canyon stortten. De dammen die daarbij ontstonden waren tot zo’n 600 m hoog, waardoor diepe stuwmeren - met een lengte van soms meer dan 500 km - werden gevormd. Afhankelijk van de grootte van die 'stuwmeren' duurde het (indien de afvoer van de Colorado Rivier toen net zo groot was als nu) een paar dagen tot zo’n 23 jaar voordat die meren waren volgelopen. In die meren kwamen soms ook lavastromen uit, die dan plotseling - onder de vorming van veel stoom - werden afgekoeld. Daarbij ontstonden gesteenten die als ‘hyaloklastiet’ worden aangeduid.


De basis van de lavadam


Geslumpt materiaal van een hyaloklastiet


Zodra een meer was volgelopen met water, liep de dam over, waarbij het stromende water in korte tijd de lava zo ver uitschuurde dat er plotseling enorme watermassa’s in de Grand Canyon vrijkwamen. Volgens recent onderzoek moet daarbij in één geval meer dan 10 miljard kubieke meter water (10 kubieke kilometer) binnen 31 uur zijn vrijgekomen. Omdat het kolkende water de dam steeds verder uitschuurde, is het niet mogelijk om exact de maximale afvoer vast te stellen, maar de onderzoekers gaan voor de grootste stortvloed uit van een maximum van ruim 500.000 kubieke meter per seconde. Dat is ruim tienmaal zoveel als de grootste vloedgolf die ooit in de Verenigde Staten ontstond door het bezwijken van een kunstmatige stuwdam.



De - inmiddels ingesneden - dam van een lavastroom die in het water eindigde


De sporen van dergelijke vloedgolven zijn duidelijk terug te vinden. Zo werden door de extreme stromen afzettingen gevormd met een grootschalige scheve gelaagdheid. Deze is nu op sommige plaatsen terug te vinden op enkele honderden meters boven het huidige niveau van de Colorado Rivier. Er werden ook enorme blokken meegevoerd die, net als rolstenen in een rivier, in hun meest stabiele positie (d.w.z. dakpansgewijs over elkaar) bleven liggen. De sterke uitschuring tijdens de heftige stromen had ook andere gevolgen. Zo werden ook de wanden van de canyon op veel plaatsen zo steil dat massa’s materiaal (bijv. van hyaloklastieten) omlaag gleden. Dergelijke slumpmassa’s konden op hun beurt ook weer de rivier geheel of gedeeltelijk afdammen, en vielen later ook zelf weer ten prooi aan uitschuring.


Enorme scheve gelaagdheid wijst op de enorme watermassa die plotseling in de Grand Canyon vrijkwam


Deze enorme blokken werden als 'rolstenen' door het kolkende water vervoerd en op elkaar gelegd


Door al deze processen heeft de Colorado Rivier een aantal merkwaardige verschijnselen. In de door afdamming gevormde meren kon slib bezinken, dat zich tot hoog boven de oorspronkelijke rivierbedding kon opstapelen. Doordat er op verschillende plaatsen (over een lengte van ca. 15 km) in de loop der tijd verschillende dammen zijn ontstaan en weer afgebroken, zijn er een aantal ‘terrassen’ gevormd waarin de rivier zich heeft ingesneden.

Referenties:
  • Fenton, C.R., Webb, R.H. & Cerling, T.E., 2006. Peak discharge of a Pleistocene lava-dam outburst in Grand Canyon, Arizona, USA. Quaternary Research 65, p. 324-335.

Foto’s welwillend ter beschikking gesteld door Cassie Fenton, GeoForschungsZentrum Potsdam, Potsdam (Duitsland).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl