NGV-Geonieuws 6 artikel 68

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 December 1999, jaargang 1 nr. 6 artikel 68

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 6! Op de huidige pagina is alleen artikel 68 te lezen.

<< Vorig artikel: 67 | Volgend artikel: 69 >>

68 Sahara heeft astronomische oorzaak
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over (Paleo)Klimaat !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De Sahara en woestijngebieden van ArabiŽ blijken enkele duizenden jaren geleden zijn ontstaan door een kleine verandering in de baan van de aarde. Bekend was dat de Sahara zelfs tot ca. 4500 jaar geleden geheel begroeid was met gras en struiken en dat er in heel noordelijk Afrika een veel natter klimaat heerste dan tegenwoordig. Daaraan kwam, zoals uit het onderzoek van fossiel stuifmeel is vastgesteld, een einde in twee klimatologische stappen die leidden tot veel drogere intervallen van 6.700-5500 en 4000-3600 jaar geleden. Het waarom van die verandering, die grote gevolgen had voor de ontwikkeling van de menselijke beschaving, was tot nu toe onduidelijk; een van de meest aangehangen theorieŽn is dat de toenemende bevolkingsdruk leidde tot 'ontbossing' en verstuiving, waarna het proces van verwoestijning (zowel in de Sahara als in ArabiŽ) onstuitbaar voortschreed.




De aardbaan moet omstreeks 9000 jaar geleden iets zijn veranderd, en de aardas maakte toen een grotere hoek met de aardbaan dan tegenwoordig. Op basis van die gegevens hebben de onderzoekers de gevolgen gesimuleerd, rekening houdend met het feit dat het noordelijk halfrond destijds gedurende de zomer meer zonnestraling ontving dan thans en dat het effect van de Afrikaanse en Indiase zomermoessons daardoor werd versterkt. Interessant is in deze context dat de variaties in de aardbaan in de laatste 10.000 jaar gering waren, terwijl het klimaat en de vegetatie in Noord-Afrika abrupt veranderden. Er moet dus een proces zijn geweest dat de optredende effecten versterkte.

De onderzoekers simuleerden de gebeurtenissen met een computermodel van gemiddelde complexiteit. Het model gaf aanvankelijk een geleidelijke temperatuurdaling van 0,1 įC in 3000 jaar aan, maar 5800 jaar geleden daalde de temperatuur plotseling 0,2 įC verder binnen 300 jaar. Zoín 1000 jaar later was er een nieuwe abrupte daling. Bij toepassing van andere simulatiemodellen kwamen ruwweg gelijke resultaten tevoorschijn. De onderzoekers concluderen daaruit dat de plotselinge woestijnvorming in Noord-Afrika 5440 (Ī 30) jaar geleden moet hebben plaatsgevonden.

De onderzoekers koppelen aan hun bevindingen enkele historisch interessante hypotheses. Volgens hen zou de uitbreiding van de woestijnen in Noord-Afrika en ArabiŽ ertoe hebben geleid dat de toenmalige bewoners zich binnen korte tijd concentreerden langs de grote rivieren (de Nijl in Afrika; de Eufraat en de Tigris in MesopotamiŽ). Dat zou een belangrijke stimulans zijn geweest voor de ontwikkeling van de beschavingen die daar toen ontstonden, en die indirect ook van grote invloed zijn geweest op de West-Europese beschaving.

Referenties:
  • Hoelzmann, Ph. & Pachur, H.-J., 1999. Simulation of an abrupt change in Saharan vegetation in the mid-Holocene. Geophysical Research Letters 26, p. 2037-2040. Sincell, M., 1999. A wobbly start for the Sahara. Science 285, p. 325.

N.B.: een iets afwijkende versie van dit bericht werd onder de titel 'Kleine verandering in aardbaan deed Sahara ontstaan' geplaatst in de bijlage 'Wetenschap & Onderwijs' van NRC Handelsblad (31 juli 1999).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl