NGV-Geonieuws 117 artikel 683

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Mei 2006, jaargang 8 nr. 10 artikel 683

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 117! Op de huidige pagina is alleen artikel 683 te lezen.

<< Vorig artikel: 682 | Volgend artikel: 684 >>

683 Mars leek vroeger op Aarde
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Astronomie ! Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Met steeds meer geavanceerde apparatuur wordt er onderzoek op en rondom Mars uitgevoerd om eventuele (primitieve) levensvormen - of de fossiele restanten daarvan - te ontdekken. Dat onderzoek wordt gevoed door twee overwegingen: er bestaan nu mogelijk plaatsen die primitief leven zouden kunnen herbergen, en er hebben in het verleden waarschijnlijk omstandigheden geheerst die de ontwikkeling en/of het voortbestaan van leven mogelijk maakten.


Op de van Mars afkomstige meteoriet S96 12299 werden structuren
gevonden die aanvankelijk als primitief leven werden beschouwd, maar
waarvan de organische herkomst nu wordt betwijfeld

Als het bij Mars gaat om levensvormen die fundamenteel met het leven op aarde overeenkomen (gebaseerd op koolstofchemie, vergelijkbare wijzen van voortplanting) dan moeten er voor het ontstaan van leven op Mars dezelfde drie basisvoorwaarden hebben bestaan als op aarde, n.l. de aanwezigheid van vloeibaar water, een bron waaruit koolstof en voedingsmiddelen beschikbaar kwamen, en een energiebron. Aan de laatste twee voorwaarden werd waarschijnlijk door alle planeten van ons zonnestelsel op een gegeven moment voldaan (bij Mars min of meer gelijkertijd met de aarde), maar dat was niet het geval wat betreft vloeibaar water. Dit water, dat beschikbaar moet zijn bij temperaturen die het mogelijk maken om organische moleculen te vormen, maar die ook leven in de vorm van primitieve cellen mogelijk moet maken, lijkt daarom de meest beperkende factor.


De planeet Mars waar voor het leven geschikte micromilieus hebben bestaan en mogelijk nog bestaan

Op aarde begonnen dergelijke omstandigheden al omstreeks 4,4 miljard jaar geleden te ontstaan, zoals blijkt uit de - overigens schaarse - aanwijzingen dat er toen al oceanen bestonden. Mars is kleiner dan de aarde, en koelde daardoor sneller af. Daarom ontstonden de juiste condities voor water bij een temperatuur die leven mogelijk maakt, op Mars waarschijnlijk al voordat dat op aarde gebeurde. Hoewel er aanwijzingen zijn dat er gedurende diverse perioden van zijn ontwikkeling oppervlaktewater op Mars voorkwam (er zijn echter ook talrijke specialisten die menen dat de vloeistof aan het oppervlak van Mars geen water was maar een andere stof, bijv. CO2), zijn er tot nu toe bij het onderzoek van Mars geen aanwijzingen gevonden dat er ooit oceanen hebben bestaan.

Als zich leven op Mars heeft ontwikkeld, dan is dat dus waarschijnlijk niet in een oceaan gebeurd. Er moeten echter wel voor leven geschikte omstandigheden hebben geheerst, bijv. in met water gevulde inslagkraters, in kleine zeeën, aan het landoppervlak als daar voldoende neerslag was, en ondergronds. Daarbij komt dat Mars verder van de zon staat dan de aarde, dus dat er lagere temperaturen heersten (zodat er ijs aanwezig kan zijn geweest), maar dat er ook vulkanische activiteit heerste (waardoor hydrothermale bronnen etc. bestonden). Water moet dus in alle mogelijke temperaturen aanwezig zijn geweest.



Gesteenten uit de 3,47 - 3,33 miljard jaar oude Barberton Greenstone Belt van Josefsdal in Zuid-Afrika(links) bestaat uit een afwisseling van fijne vulkanische zanden en laagjes die ontstonden in een modderige vlakte. Primitieve levensvormen (rechts) konden hier gedijen. Dergelijke micromilieus hebben ook op Mars bestaan

Door de voortgaande afkoeling en het verlies van water werd het Marsoppervlak waarschijnlijk al 4,2-4,0 miljard jaar geleden ongeschikt voor levensvormen. Als er toen primitief leven bestond, zal dat zich ondergronds hebben teruggetrokken, omdat water en voedingsstoffen daar voortdurend in voldoende mate beschikbaar moeten zijn geweest. Wellicht kwamen de microorganismen tijdens nattere perioden soms weer aan het oppervlak te voorschijn.

Onderzoek naar primitieve levensvormen op Mars kan zich dus het beste richten op ondergrondse microben. Aan het oppervlak gaat het waarschijnlijk - als er al fossiele of recente levensvormen te vinden zijn - om micromilieus met afmetingen van waarschijnlijk minder dan een millimeter. De kans dat een Marsrobot juist zo'n stukje verzamelt, is nagenoeg nihil. Er zullen monsters naar de aarde moeten worden gebracht om -min of meer bij toeval - dergelijk leven te ontdekken.

Referenties:
  • Westall, F., Southam, G. & Spohn, T., 2006. Habitable macro and micro-environments on Mars: implications for the search for Martian life. Poster General Assembly European Geological Union (Wenen, april 2006) EGU06-A-10418;BG7.01/PS8-1FR3P-0070.

Foto van Mars en van de meteoriet: NASA. Overige foto's welwillend ter beschikking gesteld door Frances Westall, Centre de Biophysique Moléculaire, CNRS, Orléans (Frankrijk).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl