NGV-Geonieuws 123 artikel 711

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 Augustus 2006, jaargang 8 nr. 16 artikel 711

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 123! Op de huidige pagina is alleen artikel 711 te lezen.

<< Vorig artikel: 710 | Volgend artikel: 712 >>

711 Biodiversiteit nam na massauitsterving weer zeer snel toe
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over het Milieu ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Na een massauitsterving als gevolg van de een of andere catastrofale gebeurtenis moet er, na verbetering van de omstandigheden, volop ruimte zijn voor overlevende of nieuwe soorten die de opengevallen plaatsen in ecosystemen kunnen innemen. Analyse van de soortenrijkdom, vooral in zee, wees echter uit dat het gewoonlijk 5-10 miljoen jaar duurde voordat er weer net zoveel (en vaak zelfs meer) soorten waren dan er voor de massauitsterving waren. Voor paleontologen en biologen is het altijd een raadsel geweest welk mechanisme kennelijk verhinderde dat de soortenrijkdom weer sneller werd hersteld.


Biodiversiteit van mariene organismen, met diepe en lange dalen (rode pijlen geven massauitstervingen aan), zoals die tot voor kort werden ge´nterpreteerd

Dat raadsel lijkt nu opgelost: het duurt helemaal niet zo lang, want de lange herstelduur is slechts schijn. Die schijn is voor een deel gebaseerd op het feit dat lang niet altijd voldoende gesteenten uit voldoende gebieden beschikbaar zijn voor inventarisatie van de fossielinhoud. Waar voorafgaand aan de massauitsterving gesteenten van tientallen (en soms honderden) miljoenen jaren kunnen worden onderzocht (wat uiteraard de kans op de vondst van veel verschillende soorten groot maakt), daar zijn gesteenten die dateren van slechts de eerste miljoenen jaren na een massa-uitsterving natuurlijk veel zeldzamer. Met als logisch gevolg dat het aantal daarin aangetroffen soorten relatief gering is.


Biodiversiteit voor het hele Fanerozo´cum volgens de oude interpretatie

Er zijn dan ook bepaalde correcties nodig om, op basis van de beschikbare gegevens, een betrouwbaar beeld te krijgen over de biodiversiteit in een (geologisch) klein tijdsbestek. Er is nu een nieuwe correctie uitgevoerd op basis van een statistisch methode (vector autoregressie) die eerder was ontwikkeld - onder meer om trends in de fluctuaties van aandelenmarkten beter te kunnen begrijpen. Die analyse levert een heel nieuw beeld op.

Het herstel na een massauitsterving verloopt volgens deze statistische analyse juist zeer snel, zelfs vrijwel direct als rekening wordt gehouden met de nauwkeurigheid waarmee geologische ouderdommen kunnen worden vastgesteld. Dat geldt althans voor het leven in zee gedurende het Fanerozo´cum (Paleozo´cum, Mesozo´cum en Kenozo´cum), waarin de grootste massauitstervingen plaatsvonden op de grens Perm/Trias en de grens Krijt/Tertiair, met eveneens twee belangrijke massauitstervingen op de grens Ordovicium/Siluur en Trias/Jura.


Het optreden van nieuwe genera na een massa-uitsterving blijkt veel sneller te verlopen (onder) dan eerder werd aangenomen (boven)

De nieuwe bevindingen hebben grote consequenties voor het beeld dat we hebben met betrekking tot de huidige situatie. Veel milieudeskundigen vrezen dat de huidige overbevolking en de daarmee gepaarde activiteiten zullen uitmonden in een sterke afname van de soortenrijkdom (of wellicht zelfs een massauitsterving), en dat het miljoenen jaren zal duren voordat de natuur zich weer zal hebben hersteld. De angst voor zo'n lange herstelperiode lijkt dus ongegrond, hoewel de nieuwe bevindingen door sommigen nog met enige scepsis worden bekeken. Maar zelfs als de nieuwe bevindingen waar zouden zijn, blijft het voor de mens uiteraard zaak om te voorkomen dat het uiterst gecompliceerde ecosysteem dat de aarde nu kent onherstelbaar wordt beschadigd.

Referenties:
  • Kerr, R.A., 2006. Revised numbers quicken the pace of rebound from mass extinctions. Science 311, 931.
  • Lu, P.J., Yogo, M.Y. & Marshall, C.R., 2006. Phanerozoic marine diversity dynamics in light of the incompleteness of the fossil record. Proceedings of the National Academy of Sciences 103, p. 2736-2739.


Copyright ę NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl