NGV-Geonieuws 131 artikel 752

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 December 2006, jaargang 8 nr. 24 artikel 752

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 131! Op de huidige pagina is alleen artikel 752 te lezen.

<< Vorig artikel: 751 | Volgend artikel: 753 >>

752 Stof uit Sahara voedt Amazonegebied
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over het Milieu ! Klik hier voor alle artikelen over (Paleo)Klimaat !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Het regenwoud in het Amazonegebied blijkt zijn weelderige vegetatie voor een belangrijk deel te danken te hebben aan stof uit de Sahara. Dat woestijnstof brengt namelijk de voedingsstoffen en mineralen mee die de verliezen in het Amazonegebied compenseren. Het was allang bekend dat er grote hoeveelheden stof (fijne korrels) uit de Sahara hoog in de atmosfeer terechtkomen, waar ze door luchtstromen ver weggevoerd kunnen worden. Ook in Nederland kennen we het rode stoflaagje op onder meer auto’s dat achterblijft wanneer regen met daarin Saharastof daarop terechtkomt.


Een stofwolk boven de Bodélé-depressie (foto NASA)


De onderzoeksleider Ilan Koren


Ruim de helft van al het stof dat uit de Sahara wegwaait, blijkt afkomstig van één locatie, de Bodélé-depressie. De herkomst van het Saharastof is achterhaald met behulp van satellietopnames en metingen. Daaruit blijkt dat op dagen waarop stof uit de depressie wegwaait (er zijn natuurlijk ook windstille dagen) gemiddeld zo’n 700.000 kg stofdeeltjes uit deze depressie verdwijnt. Dat de Bodélé-depressie zo’n groot aandeel heeft in de 'stofleverantie' is des te opvallender omdat deze locatie minder dan 1% van alle stof in de Sahara bevat. Er moet dus sprake zijn afwijkende omstandigheden. Dat blijkt trouwens ook uit het feit dat het stof uit deze depressie vooral in de winter en het voorjaar wegwaait; elders in de Sahara zijn dit geen seizoenen met opvallend veel wegwaaiend stof.


Opname vanuit een NASA-shuttle van een stofwolk boven de Bodélé-depressie (links) en 3-D topografie van de Sahara (uit artikel)

Een en ander blijkt, behalve met de windpatronen boven de Sahara, samen te hangen met de lokale topografie. De Bodélé-depressie ligt benedenwinds van een groot kraterachtig dal dat begrensd wordt door de Tibesti en Ennedi Gebergten, dicht bij de noordelijke rand van de Sahel (en in de Sahel is vooral 's winters de wind vaak sterk). Het dal vernauwt tot een pas in het zuidwesten. Door die configuratie wordt een sterke windstroom door de pas opgewekt, die op de Bodélé-depressie is gericht. Dat leidt tot de uitzonderlijk sterke erosie daar.


Aantal dagen van stoferosie in de Bodélé-depressie (blauw) en hoeveelheid weggewaaid stof (in miljoenen tonnen) (rood) tussen oktober 2003 en oktober 2004 (uit artikel).

Het uit de depressie weggewaaide stof verspreidt zich, samen met ander stof uit de Sahara, via de atmosfeer. Jaarlijks valt er naar schatting z’n 140 miljoen ton stof uit Afrika in de Atlantische Oceaan, maar zo’n 100 miljoen ton weet de oceaan veilig over te steken; daarvan valt zo’n 50 miljoen ton per jaar neer in het Amazonegebied. De voedingsstoffen en mineralen zijn voldoende om het regenwoud te latten floreren. Uit fossielen is bekend dat het regenwoud zeker al zo’n 10 miljoen jaar bestaat. Niet zeker is echter of Afrika ook al die tijd toeleverancier is geweest. In ieder geval is het de vraag hoelang de Bodélé-depressie nog zulke enorme hoeveelheden stof zal kunnen blijven leveren. Het gebied, dat slechts zo’n 0,2% van de totale oppervlakte van de Sahara uitmaakt, zal ooit uitgeput raken.

Referenties:
  • The Bodélé depression: a single spot in the Sahara that provides most of the mineral dust to the Amazon forest. Environmental Research Letters 1, 5 pp. doi:10.1088/1748-9326/1/014005.


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl