NGV-Geonieuws 132 artikel 757

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


1 Januari 2007, jaargang 9 nr. 1 artikel 757

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 132! Op de huidige pagina is alleen artikel 757 te lezen.

<< Vorig artikel: 756 | Volgend artikel: 758 >>

757 Devonische vis was zijn tijd evolutionair vooruit
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Er zijn de laatste paar jaar diverse fossielen gevonden afkomstig van dieren die een overgangsfase vertegenwoordigen tussen vissen en landdieren. Ook in Geonieuws is daar al enkele keren aandacht aan besteed, en dat gebeurt hier opnieuw. De overgang van dieren uit een reeds vergevorderd evolutionair stadium van zee naar land is immers een uiterst belangrijke ontwikkeling geweest.

Onderzoekers van de Universiteit van Canberra hebben een fossiel gevonden dat ook zo'n tussenstadium vertegenwoordigt. Het bijzondere aan dit nieuwe fossiel is echter dat hij, binnen de evolutionaire ontwikkeling van landdieren, zijn tijd vooruit lijkt te zijn geweest. Dit kon worden vastgesteld doordat de schedel en een 'voorpoot' van het fossiel zeer goed, ook in 3-dimensionale vorm, bewaard zijn gebleven dankzij de opname in een kalksteenconcretie. De onderzoekers claimen zelfs dat het gaat om het best bewaarde 3-D visfossiel uit de hele wereld. Als argument voeren ze onder meer aan dat de kaken, na schoonmaken van de schedel, nog bewogen kunnen worden zoals de vis dat tijdens zijn leven moet hebben gekund.


De schedel van Gogonasus, deels nog in
het gesteente (foto John Broomfield).


De uit fragmenten samengestelde en met ammonium-
chloride schoongemaakte schedel (foto John Long)


De vis, die zo'n 380 miljoen jaar geleden (Laat-Devoon) leefde, behoort tot het geslacht Gogonasus (snuit van Gogo; in 1985 werd een eerst gevonden exemplaar beschreven dat alleen bestond uit het voorste deel van de schedel; die kwam uit de Gogo-Formatie). Hij moet geleefd hebben nabij een groot rif dat zich destijds ten NW van het huidige AustraliŽ uitstrekte.


De vondst op 11 juli 2005 door John Long
(links) en Tim Senden (foto Michael Nossal)

Bij eerdere vondsten van fragmenten van Goganasus was men tot de conclusie gekomen dat deze vis relatief primitieve kenmerken had. Het nu gevonden fossiel geeft een heel ander beeld: het is onderzocht met een CT scanner, waarbij bleek dat het fossiel tal van eigenschappen gemeen heeft met landdieren. Zo vertoont het openingen op zijn schedel die hij, net als primitieve landdieren, moet hebben gebruikt voor ademhaling. In de loop der tijd hebben deze openingen zich evolutionair ontwikkeld tot de buis van Eustachius (in het middenoor) die de hogere landdieren in hun gehoororgaan hebben. De fossiel aangetroffen borstvin heeft het meeste weg van een vinvormige poot, zoals ook de tetrapoden die hebben, met een goed ontwikkeld opperarmbeen, spaakbeen en ellepijp. Verder vertoont het fossiel een jukbeen dat grote gelijkenis vertoont met de jukbeenderen van vroege amfibieŽn, en tenslotte had hij ook een paar neusgaten zoals op het land levende gewervelde dieren die hebben.


Reconstructie van Gogonasus door Brian Choo

Ondanks deze kenmerken gaat het bij Goganasus zonder enige twijfel om een vis: hij heeft kieuwen, hij heeft vinnen, en hij werd in een marien gesteente gevonden. Desondanks heeft hij meer gemeen met landdieren dan de vis Eustenopteron, die tot nu werd beschouwd als de gemeenschappelijke voorouder van alle tetrapoden.

Referenties:
  • Long, J.A., Young, G.C., Holland, T., Senden, T.J. & Fitzgerald, E.M.G., 2006. An exceptional Devonian fish from Australia sheds light on tetrapod origins. Nature 444, p. 199-202.

Foto's (Museum Victoria) welwillend ter beschikking gesteld door John Long, Museum Victoria, Melbourne (AustraliŽ).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl