NGV-Geonieuws 135 artikel 798

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


17 April 2007, jaargang 9 nr. 4 artikel 798

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 135! Op de huidige pagina is alleen artikel 798 te lezen.

<< Vorig artikel: 797 | Volgend artikel: 799 >>

798 Fossiel zoogdier met unieke eigenschappen toont evolutie van middenoor
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Biologie & Evolutie ! Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De vondst van een nieuw zoogdier, dat 125 miljoen jaar geleden leefde in wat nu de Chinese provincie Hebei is, toont hoe het middenoor - een van de meest kenmerkende verschijnselen van de moderne zoogdieren - zich evolutionair ontwikkelde. Het dier, dat Yanocodon allini is genoemd, werd ongeveer 300 km van Beijing gevonden in de Yixian-Formatie; het is het eerste fossiele zoogdier dat in de provincie Hebei is gevonden. Het dier, dat 15 cm lang was en waarschijnlijk ongeveer 30 gram woog, had tanden die kenmerkend zijn voor dieren die insecten en wormen eten. Met zijn lange lichaam en korte poten met klauwen was hij goed toegerust om te graven of onder de grond te leven.


Het holotype van Yanocodon allini, aangetroffen op een
splijtvlak waardoor het fossiel in beide stukken kan worden bestudeerd.

Bij onderzoek bleek dat het middenoor van Yanocodon het midden houdt tussen dat van de moderne zoogdieren en dat van de naaste verwanten; het biedt volgens de onderzoekers een zeldzame mogelijkheid om de ontwikkeling van het zoogdieroor te onderzoeken. Dat is niet alleen interessant omdat daarmee een van de specifieke evolutionaire aanpassingen van zoogdieren kan worden onderzocht, maar ook omdat daaruit blijkt hoe een complexe structuur geleidelijk door evolutie ontstaat (en niet door ‘intelligent design’ zoals de creationisten beweren).


Vindplaats van Yanocodon

Zoogdieren hebben een veel beter ontwikkeld gehoor dan alle andere gewervelde dieren, en mede daardoor konden de zoogdieren een leefwijze ontwikkelen die sterk op dat goede gehoor berust. Juist daarom hebben paleontologen en revolutionairbiologen al langer dan een eeuw naarstig gespeurd naar aanwijzingen die zouden kunnen leiden tot inzicht in de evolutionaire ontwikkeling van het oor.


Reconstructie van het skelet (door Mark A. Klingler, CMNH)

Het goede gehoor van de zoogdieren berust voor een groot deel op de opbouw van het middenoor, dat bestaat uit drie botjes (stijgbeugel, hamer en aambeeld) en een benige ring voor de trommelholte. Deze botjes ontwikkelden zich evolutionair uit het kaakscharnier dat bij verwante reptielen voorkomt. Hoe dat gebeurde was tot nu toe volstrekt onduidelijk, maar Yanocodon laat de tussenliggende stap zien.


Vergelijking tussen het oor en de kaak van Yanocodon met die van verwanten

Daarnaast vertoont Yanocodon nog enkele unieke eigenschappen. Zo had hij verbazend veel wervels: 26 in zijn borst en heup, terwijl de meeste uitgestorven zoogdieren er slechts 19 of 20 hadden. Mede aan dat grote aantal wervels dankt hij zijn langgerekte vorm. Een andere zeldzame eigenschap is dat hij ook ribben ter hoogte van zijn middel had. Met al deze kenmerken lijkt Yanocodon soms dichter bij de Marsupialia (buideldieren) te staan dan bij de Placentalia (zoogdieren die bij zwangerschap een placenta ontwikkelen), soms juist andersom.


Reconstructie van Yanocodon allini (door Mark A. Klingler, CMNH).

Referenties:
  • Luo, Z.-X., Chen, P., Li, G. & Chen, M., 2007. A new eutriconodont mammal and evolutionary development in early mammals. Nature 446, p. 288-293.

Foto’s (© Carnegie Museum of Natural History, Pittsburgh) welwillend ter beschikking gesteld door Zhe-Xi Luo, Carnegie Museum of Natural History, Pittsburgh, PA (Verenigde Staten van Amerika).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl