NGV-Geonieuws 137 artikel 820

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


25 Juni 2007, jaargang 9 nr. 6 artikel 820

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 137! Op de huidige pagina is alleen artikel 820 te lezen.

<< Vorig artikel: 819 | Volgend artikel: 821 >>

820 Recente turbidiet in kaart gebracht
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Sedimentologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Troebelingsstromen (massa’s water met een hoog soortelijk gewicht door de aanwezigheid van veel - vaak vooral fijne - sedimentdeeltjes ontstaan wanneer een massa sediment van een helling wegglijdt en zich met water vermengt. Het zo zwaarder wordende water stroomt dan als een turbulente massa over de boden omlaag, totdat de helling zo gering wordt dat het water tot rust komt, de meegevoerde grovere deeltjes blijven liggen, en het fijne materiaal uit de suspensie bezinkt. Het afglijden kan beginnen wanneer het materiaal op een helling instabiel wordt, bijv. door de schokgolf van een aardbeving. Ook kan echter de helling door steeds verdergaande sedimentatie zo steil worden dat alleen al daardoor het sediment gaat bewegen.


Het meer van Brienz in de Zwitserse Alpen (Foto Franck Schoenholzer)

Troebelingsstromen zijn vooral bekend uit mariene afzettingen, vaak in gebieden die tijdens hun ontstaan tektonisch actief waren. De afzettingen (turbidieten) van deze troebelingsstromen worden echter ook in grote meren aangetroffen. Ook recent treden dergelijke troebelingsstromen wel op, zij het dat het gaat om een betrekkelijk zeldzaam verschijnsel. Op 24 april 1996, om acht uur 's ochtends, trad een troebelingsstroom op in het 260 m diepe meer van Brienz (Zwitserland). Dat ging gepaard met een aantal verschijnselen, zoals een kleine vloedgolf (tsunami) die tenminste een halve meter hoog was en waarvan de opeenvolgende golven een periode hadden van 30-40 minuten. Ook kwam, ongetwijfeld door verstoring van de bodem, een oud menselijk lijk naar boven. Verder bleek de troebelingsstroom in het diepe gedeelte van het meer het water sterk te vertroebelen en een tekort aan zuurstof te doen ontstaan.


Het onderzoekschip Arethuse van waaraf hoge-
resolutie seismisch onderzoek werd uitgevoerd
(foto Limnogeology ETH)


Het draagbare 'booreiland' Ararat
(foto Limnogeology ETH)


De turbidiet die op de bodem van het meer werd gevormd, is met hoge-resolutie seismiek vanaf een schip in kaart gebracht. Hij heeft een maximale dikte van 90 cm, hij wordt vanaf de kust naar het midden van het meer toe fijner, en hij wordt geleidelijk dunner om aan het eind van het langgerekte meer te eindigen. De turbidiet beslaat een totale oppervlakte van 8,5 km2, en heeft een totaal volume van 2,72 miljoen m3 , wat overeenkomt met de hoeveelheid sediment die onder normale omstandigheden gedurende bijna 9 jaar het meer bereikt. Dit geeft aan dat dikke opeenvolgingen vaak een groot deel van hun dikte te danken hebben aan bijzondere gebeurtenissen, terwijl de 'normale' sedimentatie slechts relatief weinig bijdraagt.


Een van de boorkernen uit het
meer van Brienz(foto Urs Geber)


Stéphanie Girardclos en Flavio Anselmetti
bekijken een juist geprepareerde boorkern
(foto Christian Rellstab)


Ook in dit geval blijkt er geen bijzondere aanleiding te zijn geweest voor het optreden van de troebelingsstroom. De onderzoekers denken daarom dat de delta van de Aare (aan de korte, oostelijke zijde van het meer) langzaam aan zo ver was opgebouwd dat de steeds steiler worden helling instabiel werd, waardoor materiaal begon te schuiven en zich, door vermenging met het bovenliggende water, veranderde in een troebelingsstroom.

Referenties:
  • Girardclos, S., Schmidt, O.T., Sturm, M., Ariztegui, D., Pugin, A. & Anselmetti, F.S., 2007. The 1996 AD delta collapse and large turbidite in Lake Brienz. Marine Geology 241, p. 137-154.

Foto's welwillend ter beschikking gesteld door Stéphanie Girardclos, Geological Institute, ETH Zürich, Zürich (Zwitserland).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl