NGV-Geonieuws 141 artikel 860

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


21 Oktober 2007, jaargang 9 nr. 10 artikel 860

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 141! Op de huidige pagina is alleen artikel 860 te lezen.

<< Vorig artikel: 859 | Volgend artikel: 861 >>

860 Barnsteen bevat ei van kolibrie
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Barnsteen levert, vooral omdat er nu op grote schaal naar wordt gezocht, steeds meer opvallende fossielen op. Geonieuws heeft daaraan regelmatig aandacht besteed, en zal dat ook blijven doen. Wellicht dat daardoor Nederlandse amateurgeologen ook worden geprikkeld om barnsteen uit hun collecties ook eens aan een zeer nauwkeurige analyse te onderwerpen.


Het kolibrie-ei in de barnsteen

De Amerikaanse zoöloog George Poinar, die al meer beschrijvingen van verrassende fossielen in barnsteen op zijn naam heeft staan, heeft nu een ei beschreven dat hij in 30 miljoen jaar oude barnsteen uit de Dominicaanse Republiek heeft gevonden. Het is het eerste ei van een gewerveld dier dat ooit in barnsteen is aangetroffen (er zijn wel eerder eieren van insecten aangetroffen in nog oudere barnsteen). Poinar kreeg het stuk barnsteen van Jim Work, een verzamelaar van (en handelaar in) barnsteen uit Ashland (Oregon), die in de gaten had dat het om een bijzonder insluitsel ging. Het stuk kwam oorspronkelijk uit de La Toca mijn, die in sediment is aangelegd waarin een hoge concentratie barnsteen voorkomt. De genoemde ouderdom van 30 miljoen jaar is daarom geen zekerheid, maar veel gegevens wijzen in een dergelijke richting.

In feite gaat het overigens niet om een ei, maar om een lege eierschaal. De 'punt' ontbreekt, kennelijk doordat het ei is uitgekomen en het jong daar uit het ei is gekropen (er zijn geen tandafdrukken die erop zouden kunnen wijzen dat het ei als voedsel voor een roofdier is gebruikt). De grootste lengte van de nog resterende eierschaal is 7,3 mm (de totale lengte moet oorspronkelijk ca 9 mm geweest zijn), en de maximale breedte 6,2 mm. Omdat het kennelijk om een vogelei ging, schakelde Poinar het gerenommeerde echtpaar Claire en Jean François Voisin in. Ze zijn experts op vogelgebied, en beiden verbonden aan het Nationaal Museum voor Natuurlijke Historie in Parijs. De Voisins kwamen tot de conclusie dat het, met een grote mate van waarschijnlijkheid, gaat om het ei van een kolibrie. Daarmee zou het het oudst bekende ei zijn van deze vogel die nu alleen in Noord- en Zuid-Amerika voorkomt (maar vier jaar geleden zijn eveneens 30 miljoen jaar oude botjes van een kolibrie gevonden in Duitsland). Dat het nu inderdaad om het ei van een kolibrie gaat kan niet met zekerheid worden vastgesteld, maar de witte eierschaal waaraan wat plantenrestjes zitten vastgekleefd waardoor het ei een gespikkeld uiterlijk vertoont, vertoont zowel qua kleur als qua grootte en vorm een exacte gelijkenis met de eieren van de huidige kolibrie’s.

Referenties:
  • Poinar Jr., G., Voisin, C. & Voisin, J.-F., 2007. Bird eggshell in Dominican amber. Palaeontology, doi:10.1111/j.1475-4983.2007.00713.x

Foto welwillend ter beschikking gesteld door George Poinar, Department of Zoology, Oregon State University, Corvallis, OR (Verenigde Staten van Amerika).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl