NGV-Geonieuws 142 artikel 870

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


25 November 2007, jaargang 9 nr. 11 artikel 870

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 142! Op de huidige pagina is alleen artikel 870 te lezen.

<< Vorig artikel: 869 | Volgend artikel: 871 >>

870 Vroeg-Devonische schorpioen was veel groter dan mens
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Paleontologie, Fossielen & Uitstervingen !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De scharen van schorpioenen zijn ontzagwekkend. Maar voor mensen zijn ze niet echt gevaarlijk (dat zijn ze wel door hun gifstekel): daarvoor zijn hun scharen veel te klein. Het blijft meestal bij een paar centimeter. Nu is echter een fossiele schorpioenschaar gevonden van 46 cm: veel groter dan bekend van recente exemplaren. Het gaat om een fossiel van zo'n 390 miljoen jaar oud (Vroeg-Devoon). Vanwege het verband tussen de grootte van de schaar en de lichaamsgrootte van recente vergelijkbare schorpioenen, kan worden berekend dat het dier 233-259 cm lang moet zijn geweest, en met zijn voorpoten en schaar meegerekend zelfs 333-359 cm. De scharen van in het water levende schorpioenen zijn, in tegenstelling tot die van de meeste krabben, even groot. Daarom bestaat weinig twijfel aan de reusachtige afmetingen van het dier.


De deels uitgeprepareerde schaar.
Foto Markus Poschmann; tekening Simon Powell.

In het geologische verleden kwamen meer grote schorpioenen voor. Zo is er ooit een schaar gevonden die zou hebben toebehoord aan een schorpioen van 250 cm. Latere analyse wees echter uit dat dat exemplaar 'slechts' 210 cm lang kan zijn geweest. Daarmee is het nu gevonden exemplaar veruit de grootste schorpioen waarvan resten bekend zijn. Schorpioenen behoren tot de Arthropoda (geleedpotigen); ook van dat phylum is het nu gevonden exemplaar de grootst bekende vertegenwoordiger, ook al zijn er uit het Carboon andere grote vertegenwoordigers bekend, onder meer in de vorm van duizendpoten, kakkerlakken en libelles. Het gigantisme van deze Carbonische dieren is wel verklaard doordat de atmosfeer toen veel meer zuurstof dan nu zou hebben bevat, maar dat lijkt niet op te gaan voor het nu gevonden fossiele dier, dat immers in het water leefde; bovendien leefde de reuzenschorpioen voordat de hoge zuurstofconcentratie in de atmosfeer tot stand kwam. De onderzoekers noemen als mogelijke andere verklaring dat er in het Devoon een soort wapenwedloop ontstond tussen jagers en prooidieren. Zo zwommen er in het Devoon al pantservissen rond die geen gemakkelijke prooi waren voor andere zeebewoners. Met hun enorme scharen zouden de reuzenschorpioenen ze echter wel aangekund hebben.


De schaar is nu een echt museumstuk.
Foto Markus Poschmann


Jaekelopterus was groter dan een mens.
Tekening Simon Powell


De schorpioen, die bij Prüm (Duitsland) werd gevonden en die Jaekelopterus rhenaniae is gedoopt, moet in zoetwater hebben geleefd (meer of rivier), ook al is hij inmiddels in de populaire pers afgeschilderd als een zeeschorpioen. Met zijn lichaamsgrootte moet hij een behoorlijke hoeveelheid voedsel nodig hebben gehad. Zijn prooi ving hij waarschijnlijk vanuit hinderlaag, waarbij hij zijn scharen gebruikte om de prooi in kleine stukjes te scheuren die hij naar binnen kon werken.
bij schaar (voldoende groot plaatsen om tekening goed te doen uitkomen): De deels uitgeprepareerde schaar. Foto Markus Poschmann; tekening Simon Powell.

Referenties:
  • Braddy, S.J., Poschmann, M. & Tetlie, O.E., 2007. Giant claw reveals the largest ever arthropod. Biology Letters, DOI 10.1098/rsbl.2007.0491, 4 pp.

Illustraties welwillend ter beschikking gesteld door Cherry Lewis, University of Bristol, Bristol (Groot-Brittannië).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl