NGV-Geonieuws 144 artikel 888

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


23 Januari 2008, jaargang 10 nr. 2 artikel 888

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 144! Op de huidige pagina is alleen artikel 888 te lezen.

<< Vorig artikel: 887 | Volgend artikel: 889 >>

888 Paleozo´sche 'schoorstenen' van kalk door ontsnappend methaangas
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Oceanografie ! Klik hier voor alle artikelen over Sedimentologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Op tal van plaatsen op de zeebodem ontsnappen koolwaterstoffen, voor het grootste deel methaangas (CH4). Dit leidt lokaal tot bijzondere milieuomstandigheden, die onder meer tot uiting komen in de aanwezigheid van bacteriŰn die zwavelwaterstof produceren. Die zwavelwaterstof wordt dan weer door andere levensvormen gebruikt als energievorm. Ook komen er sulfaatreducerende bacteriŰn en Archaea (een andere primitieve levensvorm) voor die een rol spelen bij de anaerobe (onder geheel of vrijwel geheel zuurstofloze omstandigheden optredende) oxidatie van het vrijkomende methaan. Die oxidatie leidt weer tot het neerslaan van carbonaten. Geologisch gezien komt dit er dus op neer dat het vrijkomen van methaangas uit de zeebodem leidt tot de plaatselijke vorming van carbonaat (vooral kalksteen). Die carbonaten vormen geen uitgestrekte, min of meer horizontale, lagen zoals dat bij de meeste vorming van kalksteen het geval is, maar bouwen als het ware een steeds hoger wordende 'schoorsteen' op, die dus als een onregelmatige, verticale 'gang' van kalksteen binnen de horizontale, normale fijnkorrelige (siltig-klei´ge) sedimenten zichtbaar is.


De schoorstenenĺ van kalksteen (in kaders) in
de klei´ge afzetting


Gepolijst handstuk van de kalksteen


Dergelijke 'schoorstenen' zijn al uit het Neoproterozo´cum bekend, en ook zijn er tal van voorbeelden bekend uit het Mesozo´cum en het Kenozo´cum. Merkwaardig genoeg waren er uit het Paleozo´cum echter maar vier van dergelijke locaties bekend (waarom ze zo schaars lijken te zijn in het Paleozo´cum is overigens een raadsel). Daar is nu een vijfde bijgekomen.

De nieuwe vondst stamt uit het Laat-Carboon in NamibiŰ. De 'schoorstenen' die zijn gevonden in de Ganigobis Shale Member van de bekende glaciomariene Dwyka Group, zijn tot 3,2 m hoog en 1,5 m in diameter, en staan in schril contrast tot de omringende mariene schalies. Onduidelijk is vooralsnog of het zeldzame voorkomen verband houdt met de ongewone stratigrafische positie: de schalies waarin de 'schoorstenen' voorkomen dekken de tweede opeenvolging af van sedimenten die werden afgezet tijdens het einde van een van de Carbonische ijstijden.


Verweerd oppervlak van de kalksteen


Microscopische details van de kalksteen


De 'schoorstenen' zelf bestaan uit vier soorten authigeen (= nieuw gevormd) CaCO3, namelijk microspar, geband of bothro´daal (= framboosvormig) cement, een gelig gekleurd calciet, en spero´dale (=bolvormige) calciet. Dat dit calciet een 'ongewone' herkomst heeft blijkt uit de extreem lage hoeveelheid van de koolstofisotoop C-13 die hierin aanwezig is. Die lage waarde van C-13 wijst erop dat de koolstof afkomstig moet zijn uit 'fossiele' koolstof. Omdat ditzelfde wordt gevonden op plaatsen waar recent methaan uit de zeebodem ontsnapt, is een dergelijke herkomst - mede gezien de vorm van de 'schoorstenen' - ook voor de Namibische structuren het meest waarschijnlijk.


Cement van de kalksteen met framboosvormige aggregaten van kristallen


Dwarsdoorsnede door een stuk hout dat in de kalksteen is ingebed


De 'schoorstenen' bevatten ook fossielen. Het gaat om een zeer geringe biodiversiteit, maar het aantal individuen is zeer groot. Het gaat overigens niet om restanten van de organismen zelf, maar om de buisvormige structuren die ze hebben achtergelaten. Die zijn, wat betreft grootte, vorm en patroon, goed te vergelijken met de sporen die bepaalde wormen nu achterlaten op plaatsen waar methaan uit de zeebodem naar buiten lekt.

Referenties:
  • Himmler, T., Freiwald, A., Stollhofen, H. & Peckmann, J., 2008. Late Carboniferous hydrocarbon-seep carbonates from the glaciomarine Dwyka Group, southern Namibia. Palaeogeography, Palaeoclimatology, Palaeoecology 257, p. 185-197.

Fotoĺs welwillend ter beschikking gesteld door Tobias Himmler, Institut fŘr Palńontologie, Universitńt Erlangen, Erlangen (Duitsland)


Copyright ę NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl