NGV-Geonieuws 151 artikel 958

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


19 Augustus 2008, jaargang 10 nr. 8 artikel 958

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 151! Op de huidige pagina is alleen artikel 958 te lezen.

<< Vorig artikel: 957 | Volgend artikel: 959 >>

958 Permo-Carbonische gletsjers bereikten zeeniveau in de tropen
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Glaciologie ! Klik hier voor alle artikelen over (Paleo)Klimaat !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

De Permo-Carbonische ijstijd die het supercontinent Pangea zo'n 300 miljoen jaar geleden teisterde, moet - althans soms - aanzienlijk kouder zijn geweest dan de Pleistocene ijstijd. Tot nu toe werd gedacht dat de tropische gebieden van Pangea destijds heet en vochtig waren, maar onderzoekers hebben nu duidelijke aanwijzingen gevonden dat een gletsjer in de tropen een diep dal uitschuurde tot zo'n 500-1000 m boven zeeniveau. Dat betekent overigens niet automatisch dat de Permo-Carbonische ijstijden voortdurende voor een zeer koud klimaat zorgden: het is goed mogelijk dat er sterke fluctuaties in de temperatuur optraden.


De Unaweep-kloof in het westen van Colorado, waarschijnlijk
300 miljoen jaar geleden uitgeschuurd door tropische gletsjers
en pas geologisch recent blootgelegd

Niettemin moeten er koude intervallen zijn geweest zoals we die uit de Kwartaire ijstijden niet kennen. Zelfs tijdens de koudste pieken van de Pleistocene ijstijden zou een gletsjer in de tropen namelijk al op een hoogte van 3400-4400 m zijn gesmolten. Dit werd eerder ook aangenomen voor de Permo-Carbonische ijstijden, maar de vondst van glaciale keileem in het dal van de Unaweep-kloof in het westen van de Amerikaanse staat Colorado, hoog op het Colorado-Plateau, wijst anders uit.


Slecht gesorteerd gesteente (diamictiet) dat
waarschijnlijk werd afgezet door de gletsjer
die de Unaweep-kloof uitschuurde


Ongeveer 30 cm grote steen uit de diamictiet,
met gletsjerkrassen


Het dal bevat veel loessiet, een gesteente dat bestaat uit tot steen geworden loess, het fijnkorrelige (siltige) materiaal dat tijdens ijstijden onder meer ontstaat doordat stenen in een ijskap tegen elkaar of tegen de rotsige bodem schuren, waarbij 'slijpsel' ontstaat. Loess komt bijv. In Zuid-Limburg voor, waar het deel uitmaakt van een grote - naar het oosten steeds dikker wordende - band die zich uitstrekt van Engeland tot China, en die in het gebied voor de ijskap van de laatste ijstijd werd afgezet doordat wind het fijne materiaal uit het onbegroeide gebied opwoei en meevoerde. Niet alleen de loessiet in de Unaweep-kloof wijst op glaciale activiteit, maar ook komen er in een diamictiet (een zeer slecht gesorteerd gesteente dat onder andere bekend is van keileem dat door landijs wordt afgezet) stenen voor met gletsjerkrassen, ontstaan doordat de stenen aan de basis van het voortschuivende ijs over een harde ondergrond schuurden).


Onderzoekleidster Lynn Soreghan

De onderzoekers twijfelen of uit de vondst moet worden geconcludeerd dat de hele Permo-Carbonische ijstijd veel kouder was dan de Pleistocene ijstijden, of dat het ging om uitzonderlijk koude intervallen. Niet iedereen is overigens overtuigd dat de gevonden verschijnselen ook werkelijk wijzen op een ijstijd. Nick Eyles, hoogleraar in Toronto, die geldt als een specialist op het gebied van glaciale afzettingen, vindt de aanwijzingen nogal mager. De loessiet zou volgens hem niet noodzakelijkerwijs van glaciale afkomst hoeven te zijn, en hij zou de gevonden gletsjerkrassen liever op de dalwanden van de Unaweep-kloof hebben gevonden dan op losse stenen. Hij wijst er bovendien op dat het hele beeld van het klimaat zo'n 300 miljoen jaar geleden drastisch zou moeten worden herzien. Daar staat echter tegenover dat Eyles niet twijfelt aan de waarnemingen op zichzelf, en dat hij geen betere verklaring heeft dan de onderzoekers aangeven. Vooralsnog lijkt het daarom verstandig om ervan uit te gaan dat er 300 miljoen jaar geleden inderdaad sprake was van een zeer koud interval.

Referenties:
  • Soreghan, G.S., Soreghan, M.J., Poulsen, C.J., Young, R.A., Eble, C.F., Sweet, D.E. & Davogustto, O.C., 2008. Anomalous cold in the Pangaean tropics. Geology 36, p. 659-662.

Foto's welwillend ter beschikking gesteld door Lynn Soreghan, School of Geology and Geophysics, University of Oklahoma, Norman, OK (Verenigde Staten van Amerika).


Copyright NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl