NGV-Geonieuws 155 artikel 996

NGV-Geonieuws: elektronisch geologisch tijdschrift


15 December 2008, jaargang 10 nr. 12 artikel 996

Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon
Geologisch Instituut, Adam Mickiewicz Universiteit, Poznan (Polen)

Dit artikel is onderdeel van NGV-Geonieuws uitgave 155! Op de huidige pagina is alleen artikel 996 te lezen.

<< Vorig artikel: 995 | Volgend artikel: 997 >>

996 Fossiele lekkage van methaangas uit de zeebodem
Auteur: prof. dr. A.J. (Tom) van Loon

Klik hier voor alle artikelen over Olie, Gas & Mijnbouw ! Klik hier voor alle artikelen over Sedimentologie !     Klik hier om dit artikel af te drukken !

Uit de zeebodem stijgt op veel plaatsen methaangas op. Dat kan bijvoorbeeld afkomstig zijn uit het 'lek‘ van een aardgasreservoir, maar ook uit methaan dat ontstond bij de verrotting van afgestorven organismen in het bodemsediment. In sommige gevallen komen in zeer korte tijd enorm hoeveelheden methaangas vrij (dit wordt door sommigen onder meer beschouwd als de oorzaak van de massauitsterving op de grens Perm/Trias). Veel onderzeese moddervulkanen hangen ook met het vrijkomen van grote hoeveelheden gasvormige koolwaterstoffen uit de zeebodem samen, en ook de grote kratervormige structuren (pockmarks) die vaak in groepen op de zeebodem voorkomen (onder meer in de Middellandse Zee) worden als restanten van dergelijke met koolwaterstoffen verbonden moddervulkanen beschouwd. In de meeste gevallen gaat het bij het vrijkomen van methaangas uit de zeebodem echter om betrekkelijk kleinschalige processen. Ook die kunnen echter hun sporen nalaten.


Laagvlak met vier 'methaangaskegels’;
het exemplaar rechtsonder is ruim 2m in doorsnede

In de Blue Lias Formatie (Sinemurien, Vroeg-Jura) van Somerset (Zuid Engeland) hebben onderzoekers in een opeenvolging van afwisselend kalkstenen en mergels groepen concreties aangetroffen die rondom een 'methaanlek' op de zeebodem moeten zijn ontstaan. Ze zijn 1-2 m hoog en vertonen in dwarsdoorsnede een elliptische vorm met en lange a tot ca. 4 m lang.


Sommige kegels zijn manshoog


Kegel van ongeveer een meter hoog met
duidelijk ontwikkelde krater


Opvallend is dat de verhoudingen tussen zowel de diverse koolstofisotopen als de zuurstofisotopen niet overal gelijk is, en dat ook verschillen optreden met de verhoudingen in het 'normale' sediment. Op basis van de isotopenverhoudingen kan worden opgemaakt dat er van tijd tot tijd en van plaats tot plaats verschillen zijn opgetreden in de hoeveelheden in de beschikbare hoeveelheid zuurstof in het water, en dat de hoeveelheid levende organismen (de top en de bovenste delen van de flanken van de kegelvormig concreties bevatten onder meer ammonieten, tweekleppige schelpen, foraminiferen en enkele restanten van crinoïden). Uit een en ander kunnen de onderzoekers opmaken dat er ter plaatse water met veel daarin opgenomen methaangas uit de bodem moet zijn vrijgekomen.


Kegel van ongeveer 1,5 m hoog met breccie
met fossielfragmenten op de top en bovenste
deel van een flank


Kegel van ~3 m in doorsnede, met duidelijk
karakter van een moddervulkaan


Interessant is in dit verband dat de hoeveelheid methaangas veelal zo groot moet zijn geweest dat er op de zeebodem een waterlaag ontstond met zoveel methaangas dat de normale bodembewoners dat niet konden overleven vanwege gebrek aan zuurstof (methaan zorgt voor en reducerend milieu). Gedurende fases waarin het gas in zulke hoeveelheden vrijkwam, stierf de bodemfauna kennelijk in een bepaald gebied rondom de plaatsen met vrijkomend methaangas uit (dit verklaart mogelijk ook de rijkdom aan ammonieten, belemnieten en andere bodembewoner in veel afzettingen uit het Vroeg-Jura in zuidelijk en oostelijk Engeland); na verloop van tijd, wanneer er weer voldoende zuurstof aanwezig was, migreerden bodembewoners vanuit andere plaatsen weer naar deze locaties, waarna het spel zich kon herhalen. Er blijken echter ook individuen te zijn geweest die de perioden van methaanuitstoot overleefden: daarvan zijn fossielen teruggevonden aan de bovenkant van de kegels die dus beschouwd zouden kunnen worden als het kalksteenequivalent van de huidige moddervulkanen die voorkomen op zeebodems waaruit methaangas ontsnapt. Kennelijk was de waterlaag waarin geen leven meer mogelijk was bij een 'methaanuitbarsting' zo ondiep, dat de top van de kegels al een niveau bereikte waarin nog voldoende zuurstof aanwezig was om te overleven.

Referenties:
  • Allison, P.A., Hesselbo, S.P. & Brett, C.E., 2008. Methane seeps on an Early Jurassic dysoxic seafloor. Palaeogeography, Palaeoclimatology, Palaeoecology 270, p. 230-238.

Foto’s welwillend ter beschikking gesteld door Peter Allison, Department of Earth Science and Engineering, Imperial College London, Royal School of Mines, Londen (Groot-Brittannië).


Copyright © NGV 1999-2017
webmaster@geologischevereniging.nl